|
Hoofdpagina |
NUMAGAVereniging tot beoefening van de Geschiedenis van Nijmegen en Omgeving De geschiedenis van de wandtapijten van het Nijmeegse Stadhuis 3 |
|||
| De Nijmeegse
wandtapijten in de 21e eeuw 22-06-04: Wandtapijten verdwenen uit Raadzaal 23-07-04: Persbericht Heemschut 23-07-04: Boze brief Heemschut en Numaga 30-07-04: Wandtapijten naar Valkhof 19-08-04: Boze brief Commissie Beeldkwaliteit 20-08-04: brief van W. van Moorsel 24-08-04: De architect 22-09-04: motie Stadspartij 27-10-04: Vergunningaanvraag verplaatsing naar Valkhof 09-11-04: reactie Heemschut en Numaga op vergunningaanvraag 15-11-04: reactie Commissie Beeldkwaliteit op vergunningaanvraag |
. | 29-11-04:
Pleitnota Heemschut en Numaga bij Cie Stadsontwikkeling 29-11-04: Verslag discussie Cie Stadsontwikkeling 21-09-04: memo dienst Stadsbedrijven aan Bouw en Wonen 31-05-05: Besluit B&W: polderen in Nijmegen 15-06-05: toelichting B&W op besluit 20-06-05: Numaga en Heemschut niet tevreden 06-07-05: opnieuw een Motie Stadspartij 02-09-05: Veldonderzoek Cie Beeldkwaliteit Oudenaarde De Nijmeegse wandtapijten en de Vrede van Nijmegen De Nijmeegse wandtapijten in de 20e eeuw |
||
Ruim twee decennia geleden beschreef Herman de Heiden in twee artikelen de geschiedenis van de Nijmeegse gobelins in het stadhuis. Nuttige lectuur voor wie het 'geheugen van de stad' ter harte gaat. Voor De Heidens artikel over de tapijten in de twintigste eeuw, klik hier. Voor de geschiedenis van de tapijten vóór die tijd, klik hier. En hoe het de tapijten in de 21e eeuw vergaat leest u hieronder. De gobelins van het Stadhuis: de trots van Nijmegen "Tijdens de 80-jarige oorlog lag Nijmegen in actief oorlogsgebied. De handel verplaatste zich door al het geweld naar Holland en de economische bloei van Nijmegen leek voorbij. Ook later lag Nijmegen, als vestingstad, nog vaak in de vuurlinie. Nijmegen was niet alleen belangrijk toen er gevochten werd. Bij de oorlog van Frankrijk tegen de Republiek der Zeven Verenigde Provincien (1672 - 1676) raakten vele landen betrokken. Toen in 1676 zo'n dertig Europese staten en steden vredesonderhandelingen startten om een einde te maken aan deze oorlogen, werd Nijmegen gekozen als vergaderplaats. De onderhandelingen duurden zeker twee jaar en brachten veel bedrijvigheid met zich mee. in 1678 en 1679 werden de vredesverdragen gesloten, die gepaard gingen met grote feesten. Uit de tijd van de 'Vrede van Nijmegen' stamt een aantal van de prachtige tapijten, die in het stadhuis zijn te bewonderen." De laatste zin van deze tekst op de gemeentelijke website is inmiddels aangepast. Nu staat er: "Uit de tijd van de 'Vrede van Nijmegen' stamt een aantal prachtige wandtapijten." (www. nijmegen.nl) De reden waarom de oorspronkelijke tekst aanpassing behoefde vindt u hieronder. |
||||
De Raadzaal in het Stadhuis van Nijmegen, mèt
Metamorfosentapijten. Foto: Jan van Teeffelen, uit: Herman de Heiden, Met bekoorlijke luister, een wandeling langs de historische monumenten in de binnenstad van Nijmegen. Nijmegen, 1998 |
||||
De gobelins van het Stadhuis: voorheen de trots van
Nijmegen "Wandtapijten weg uit raadzaal De Gelderlander van 22-06-2004 NIJMEGEN - Zeven wandtapijten, stille getuigen van de internationale
vredesonderhandelingen in de 17de eeuw in Nijmegen, verdwijnen na tientallen jaren uit de
raadzaal in het stadhuis. Vier maanden geleden is door het college van burgemeester en wethouders een verzoek bij
Museum Het Valkhof neergelegd om de zogenoemde Metamorfosen-tapijten (met afbeeldingen
naar de tekst van de Romeinse schrijver Ovidius) daar een plek te geven. Gezien de omvang
van de kleden van gemiddeld vier bij drie meter is het echter nog maar de vraag of het
Valkhofmuseum ze kan plaatsen. "Áls dat mogelijk is, dan moeten ze op een mooie plek
komen waar iedereen ze goed kan bezichtigen", aldus conservator P. Roelofs.
"Maar we weten niet of we daar wel de geschikte ruimte voor hebben." Burgemeester Ter Horst is de waardevolle tapijten op de openbare plekken in het stadhuis echter liever kwijt dan rijk. "In de ontvangsthal zijn geregeld recepties. Mensen lopen met wijn en haring langs de kleden. Dat is geen wenselijke situatie." De architect van de nieuwe raadzaal, Paul Kleinlooh, heeft vanaf begin af aan
aangegeven de wandtapijten niet te kunnen combineren met de wens voor een 'transparante'
vergaderruimte: "Het was wel een punt van zorg dat het Nijmeegs erfgoed moet
verdwijnen, maar de raadsleden zeiden ook dat een vergaderruimte nu eenmaal geen museum
is." Valkhofconservator Roelofs vindt ook dat omzichtiger met de kleden moet worden omgegaan. Een beschermhoes is daarom volgens hem een eerste voorwaarde. De economische waarde van de kleden is volgens Roelofs overigens niet te achterhalen. "Tapijtenseries van dit kaliber kom je niet op de kunstmarkt tegen." Omdat de kunstwerken echter uniek en onvervangbaar zijn, heeft de gemeente ze per stuk verzekerd voor een half miljoen euro. Omdat een aantal raadsleden toch vond dat het historische karakter van de stad in de inrichting van de raadzaal tot uiting moet worden gebracht, is besloten als compromis een ander 'vredes'-tapijt, een kunstwerk dat los staat van de zeven Metamorfosen-kleden ('groentapijt' De Arend), naast de ingang van de vergaderruimte op te hangen." Een maand later meldt De Gelderlander dat er inderdaad plannen zijn om de Metamorfosentapijten bij Museum Het Valkhof onder te brengen, dat voor 2005 een expositie over de tapijten op het programma zou hebben staan: "Gobelins permanent in Valkhof De Gelderlander van 30-07-2004 NIJMEGEN - Zeven historische wandtapijten die al sinds de zeventiende eeuw in het
Nijmeegse stadhuis hangen, worden vanaf maart permanent ondergebracht in Museum Het
Valkhof. Daar worden ze van maart tot en met augustus tentoongesteld in de onlangs
geopende expositieruimte op de kelderverdieping. Wat er daarna met de zogenoemde gobelins
uit de zeventiende eeuw gebeurt, is onzeker. De kans is groot dat ze in het museum worden
opgeslagen. De raadzaal van het stadhuis wordt momenteel verbouwd en krijgt een modernere en lichtere uitstraling. De enorme, donkere doeken, met daarop afbeeldingen naar de tekst van de Metamorfosen van de Romeinse schrijver Ovidius, passen daar niet bij, menen de architect, raadsleden en burgemeester en wethouders. De tapijten werden in 1677 door de Staten-Generaal in Den Haag gekocht als decoratie bij de langdurige onderhandelingen tussen dertig Europese staten en steden voor wat later de Vrede van Nijmegen ging heten. Die onderhandelingen vonden plaats in het Nijmeegse stadhuis. Kenners noemen de tapijten daarom van onschatbare cultuurhistorische waarde voor Nijmegen. De verzekerde waarde bedraagt een half miljoen euro per stuk. De doeken zijn momenteel bij het textielreparatiebedrijf Paswerk in Haarlem. Dat bekijkt volgende maand of het klimaat in de nieuwe expositieruimte wel geschikt is voor de tapijten. Brouwer verwacht geen problemen. Het bedrijf adviseert ook over de wijze van opslag. Volgens Brouwer is met de gemeente afgesproken dat die de kosten van opslag, waarvoor mogelijk speciale rekken moeten worden vervaardigd, voor haar rekening neemt." |
||||
De Metamorfosenserie moet nu wijken wegens een aanpassing van de raadzaal en is
tijdelijk ondergebracht in museum Het Valkhof. De historische vereniging Numaga en
Heemschut vinden dat de wandtapijten als cultuurhistorisch erfgoed onlosmakelijk zijn
verbonden met de raadzaal en hebben meteen in juli protest aangetekend. Er zijn vragen
gesteld over de beschermde status van de wandtapijten. Protestbrief Heemschut en Numaga " Aan het College van Burgemeester en Wethouders en aan de Gemeenteraad van
Nijmegen Geachte burgemeester, geachte wethouders, geachte leden van de raad, De grote wandtapijten in het stadhuis van Nijmegen zijn alom bekend, zowel bij kenners als bij niet-kenners. Ten overvloede, en naar wij hopen ook bij u bekend, zij hier vermeld dat het stadhuis in het bezit is van drie kostbare series wandtapijten, te weten: de Verdures of groenwerktapijten (13 stuks, thans in de Trêveszaal en de trouwzaal), vervaardigd in Delft en in 1664 aangeschaft door het stadsbestuur voor de raadzaal; de Aeneastapijten (6 stuks, thans in de Burgerzaal) en de Metamorfosentapijten (7 stuks, thans in de Raadzaal), beide series vervaardigd in Antwerpen en in 1677 aangekocht door de Staten Generaal in Den Haag, ten einde de voornaamste zalen in het achterhuis van het stadhuis, die in 1676-1678(9) intensief werden gebruikt tijdens de vredesonderhandelingen, een wat meer representatief uiterlijk te geven. Zoals bekend hebben de onderhandelingen geleid tot de befaamde Vrede van Nijmegen. Nijmegen stond in die twee genoemde jaren in het brandpunt van de Europese politiek! Na de aftocht van de ambassadeurs zijn de tapijten in het stadhuis achtergebleven en deel uit gaan maken van het kunstbezit van de stad. Kortheidshalve wordt voor verdere informatie over de geschiedenis, de betekenis en het uitzonderlijk belang van de wandtapijten verwezen naar de diverse publicaties van de kunsthistorica mw. dr. J.G. van Ysselsteyn. In de catalogus van de tentoonstelling "Het Stadhuis van Nijmegen", Nijmeegs Museum Commanderie van Sint-Jan 1982, staat een zeer informatief artikel van de hand van H.G.M. de Heiden. Van belang voor onderhavig protest is evenwel nog het volgende. Na de Tweede
Wereldoorlog, gedurende welke tijd de tapijten op last van de Rijkscommissie voor de
Monumentenzorg werden verwijderd en in veiligheid gebracht, o.a. in de Sint- Pietersberg
bij Maastricht, kwamen de tapijten, na een jarenlang proces van herstel, terug in het
inmiddels herbouwde stadhuis van Nijmegen. De aanwezigheid van de series gobelins werd in
1978 zo hoog ingeschat dat men er bij de bouw van het huidige stadhuis achter het
historische gedeelte rekening mee hield. De gobelins moesten onder de meest ideale
omstandigheden worden opgehangen. Er moesten zalen komen met grote muren, waar het
daglicht gedempt binnen viel. Dit leverde een buitengewoon stemmige en tegelijk toch een
heel functionele nieuwe raadzaal op waar de Metamorfosentapijten prachtig tot hun recht
kwamen. Nog nooit in hun driehonderd jarige bestaan hebben de ' Antwerpse tapijten' zo
goed gehangen. Decennia lang droegen de wandtapijten bij aan de roem van het Nijmeegse
stadhuis. Indachtig de doelstelling van zowel Bond Heemschut als Vereniging Numaga, waardoor wij als belanghebbenden kunnen worden aangemerkt, verzoeken wij u met klem de Metamorfosentapijten te laten hangen, c.q. terug te hangen op hun eigen plaats in de raadzaal. Graag zouden wij de volgende vragen nog beantwoord zien. Wij vragen ons af of deze
wandtapijten een beschermde status hebben en of deze zo maar zonder vergunning verwijderd
mogen worden; ook vragen wij ons af of uw college over het verwijderen van de tapijten een
besluit heeft genomen, of en zo ja wanneer u dit besluit hebt gepubliceerd en of wij als
belanghebbenden tegen een besluit als dit bezwaar kunnen maken. Tenslotte vragen wij ons
af of u zich hebt laten informeren/adviseren door deskundigen. zoals monumentencommissie
of commissie beeldkwaliteit en Rijksdienst voor de Monumentenzorg. Wij zouden graag hun
mening/advies hierover willen ontvangen. Vereniging Numaga, cc: Commissie voor Beeldkwaliteit gemeente Nijmegen (vh monumentencommissie) Boze Commissie Beeldkwaliteit De gealarmeerde Commissie Beeldkwaliteit klom in augustus 2004 eveneens in de pen om de gemeente de mantel uit te vegen in een geharnast epistel: "Commissie Beeldkwaliteit Aan het College van Burgemeester en Wethouders De stad Nijmegen verkeert in de uitzonderlijke positie drie series wandtapijten te
bezitten, alle uit de zeventiende eeuw. De grootste serie bestaat uit dertien tapijten of
gobelins, 'Verdures' genaamd. Deze tapijten met bossen, landschappen en dieren zijn rond
1665 vervaardigd door Bartholomeus van der Gucht uit Delft. Ze zijn speciaal voor de
toenmalige raadskamer gemaakt, thans de Trêveszaal. Het merendeel van de Verdures hangt
nog immer in de Trêveszaal, enkele bevinden zich in de trouwzaal en één tapijt hing tot
voor kort in de raadzaal. Het bestaan van een verzameling van dergelijke, bij elkaar behorende series
wandtapijten is zowel vanuit nationaal als internationaal perspectief uitermate zeldzaam
en van buitengewoon cultuurhistorisch belang. Veel van de oorspronkelijke series zijn in
de loop der tijd immers verdeeld geraakt of zelfs vernietigd. Het is bekend dat de gobelins in het verleden niet altijd met de zorgvuldigheid zijn
behandeld die ze verdienen. Een aantal tapijten uit de serie Verdures heeft zelfs een
groot deel van de negentiende eeuw doorgebracht in een kist op de zolder van het stadhuis
en delen zijn als stoelbekleding gebruikt. De waardering voor de tapijten keerde echter
aan het eind van de negentiende eeuw terug en leidde er zelfs toe dat vanaf 1901 de
tapijten uit de serie Verdures gerestaureerd werden. Bij de verbouwing en uitbreiding van het stadhuis (oplevering 1982) is eveneens rekening gehouden met de bijzondere tapijtseries. Bij de architectonische en technische uitwerking van de nieuwe raadzaal -op de plek van de Gouden Kamers -en burgerzaal is de voorgenomen verfraaiing van die zalen met tapijten uit de Metamorfosenserie en uit de reeks over Aeneas en Dido uitgangspunt geweest. Hierdoor zijn optimale omstandigheden gerealiseerd voor behoud van die tapijten en tegelijkertijd werd hiermee blijk gegeven van een juiste waardering voor de cultuurhistorische betekenis van die tapijten voor de stad. Het bevreemdt de Commissie Beeldkwaliteit dat ruim twintig jaar later die waardering niet meer herkenbaar is. De situatie is des te vreemder, nu het besluit tot verwijdering van de tapijten heeft plaatsgevonden in een periode waarin er een stadsbestuur bestaat dat cultuurhistorie hoog in het vaandel heeft staan. De commissie meent dat de tapijten een essentieel geschiedkundig document vormen en dat de zichtbare aanwezigheid in het bestuurscentrum hiervan eraan bijdraagt dat dit stadsbestuur -en ook de komende besturen -in historisch perspectief bezien worden. De beslissing om de wandtapijten buiten het stadhuis een plek te geven, betekent bovendien dat een traditie van 325 jaar wordt verbroken. Tenslotte maken wij u attent op een nog niet belichte juridische kant van de zaak. De tapijtseries zijn benoemd in de redengevende beschrijving van het stadhuis, een beschermd rijksmonument. Hieruit dient ons inziens geconcludeerd te worden dat de tapijten een beschermd onderdeel vormen van het monument en dat derhalve wijzigingen hieraan (i.c. verplaatsing) monumentenvergunningplichtig zijn. Uit het feit dat de kwestie niet formeel ter advisering aan de commissie is voorgelegd, kan afgeleid worden dat de vereiste vergunningen vooralsnog niet zijn aangevraagd.
Hoogachtend, W.G. Hompe, Antwoord van B&W: het ligt aan het Duale Stelsel! I k (M.O., webbeheerder Numaga) neem aan dat de commissie Beeldkwaliteit zich collectief enigszins verbaasd op het hoofd krabde bij het antwoord op haar boze brief (als de commissie dat tenminste ontvangen heeft; een verzenddatum ontbreekt): B&W kunnen hier allemaal helemaal niks aan doen. Het is de schuld van het Duale Stelsel! Dat tolereert geen gedateerde historische tapijten op de moderne werkplek! En bovendien: die tapijten schrikken de burgers maar af. En nogmaals bovendien: de commissie heeft in een eerder stadium even zitten slapen: de bouwvergunning is immers goedgekeurd! En er waren geen juridische bezwaren! Nou dan! We hangen ze gewoon in het museum. Bedankt voor uw mening, maar we doen er niks mee. Het hierboven kort samengevatte (concept?)-antwoord van B&W luidde volgens de tekst die op de gemeentelijke website te vinden is: "Directie Stadsbedrijven Servicecentrum
Geachte Commissie, De ervaring wees uit dat de oorspronkelijke geslotenheid van de Raadzaal een onvoldoende uitnodigend effect had voor de burgers van Nijmegen om de openbare raadsvergaderingen bij te wonen. De vernieuwde Raadzaal heeft door de realisatie van grotere doorgangen en de toepassing van veel glas een wezenlijk ander karakter verkregen. De kleurstelling van de Raadzaal is voorts in overeenstemming gebracht met de begrippen openbaaren transparant. De vereiste bouwvergunning is op 24 november 2003 verleend. Voor zover het
verbouwingsplan betrekking had op wijzigingen aan het exterieur, is het plan aan de
Commissie Beeldkwaliteit voorgelegd. Uw commissie is op 16 oktober 2003 akkoord gegaan met
het verbouwingsplan. De voorgenomen wijzigingen aan het historische deel van het stadhuis
zijn op 15 april 2004 aan de Commissie Beeldkwaliteit voorgelegd en akkoord bevonden. (NB
de wijzigingen aan de Raadzaal maakten geen onderdeel uit van de afzonderlijke
adviesaanvragen). Wij hebben de wijzigingen aan de Raadzaal en de hiermee in verband
staande verplaatsing van de Gobelins niet herkend als een wijziging van monumentale
kwaliteiten. De gemeente zowel in de hoedanigheid van aanvrager als
vergunningverlener verkeerde in de veronderstelling dat de wandtapijten geen
beschermde onderdelen vormden van het rijksbeschermde Stadhuis en dat er voor de
verplaatsing ervan geen monumentenvergunningplicht gold. Inmiddels hebben uw commissie en
de Rijksdienst voor de Monumentenzorg ons gewezen op deze misvatting. Vanaf 1 mei 2005 is het mogelijk dat de serie van 7 Gobelins uit de Raadzaal in haar totaliteit kunnen worden tentoongesteld in museum Het Valkhof. (Quod non, zie hierna, M.O.) In uw brief heeft u aangegeven dat u het college van Burgemeester en Wethouders als vergunningverlener negatief zal adviseren over de verplaatsing van de tapijten. Wij hechten veel belang aan de onafhankelijke status van de Commissie Beeldkwaliteit en wij waarderen uw deskundigheid, uw professionaliteit en uw adviezen. Wij vertrouwen er dan ook op dat het aan u voor te leggen voorstel zorgvuldig op zijn eigen merites wordt beoordeeld. Wij zijn er van overtuigd dat het voorstel recht doet aan de cultuurhistorische kwaliteiten van de gobelins. De gang van zaken omtrent de tapijtenkwestie is een betreurenswaardig incident. In de toekomst zullen wij u tijdig betrekken bij voorstellen waarbij op enigerlei wijze cultuurhistorische aspecten betrokken zijn. Wij vertrouwen erop u hiermee voor dit moment voldoende geïnformeerd te hebben. Hoogachtend, Boze burger: de heer W. Van Moorsel De heer Van Moorsel, Nijmegenaar, stuurde de volgende brief aan B&W van Nijmegen: Geachte Dames en Heren Deze brief is als pdf-bestand, met het concept-antwoord van B&W, hier te vinden. De heer Van Moorsel was niet tevreden met het antwoord van de gemeente. In december klom hij opnieuw in de Remington. Zijn reactie, als pdf bestand, vindt u hier. De architect Ook de architect die de modernisering van de Raadzaal voor zijn rekening nam, en
daarmee het verdwijnen van de tapijten naar elders, deed via de media een duit in het
zakje. Hij vindt de commotie rond de tapijten maar onzin: Motie Stadspartij Tijdens de Raadsvergadering van 22 september 2004 dient de Stadspartij de volgende motie in:
Spreekt uit: Voor: PvdA (Smals), Stadspartij, VSP, D66, NN Vergunningaanvraag voor verplaatsen tapijten naar Museum Het Valkhof 27 oktober 2004 lezen we in de lijst Openbare Bekendmakingen in De Brug:
Heemschut en Numaga reageren op de publikatie van de vergunningaanvraag in De Brug met een brief aan het College van B&W van Nijmegen, gedateerd 9 november 2004: "Aan het College van Burgemeester en Wethouders t.a.v. hoofd afdeling Bouwen en
Wonen Wij betreuren het ten zeerste dat de noodzakelijke deskundige adviezen ten aanzien van de gobelins pas nu worden ingewonnen. De thans opgestarte procedure is natuurlijk mosterd na de maaltijd. Het had zo veel mooier in Nijmegen kunnen zijn. In het kader van de slogan 'behoud door ontwikkeling' (directeur Rijksdienst voor de monumentenzorg) zou het ontwerp van de nieuwe raadzaal juist geïnspireerd hebben kunnen zijn door de zo rijke geschiedenis van het stadhuis van Nijmegen en haar van rijkswege beschermde gobelins. Helaas ... een gemiste kans. Ten aanzien van de aangeleverde stukken voor de 'aanvraag vergunning' voor het verplaatsen van de gobelins hebben wij nog het volgende kritiekpunt. Bij een aanvraag bouw- en monumentenvergunning behoren doorgaans te worden aangeleverd een situatie bestaand en een situatie nieuw. De nieuw 'geschetste' situatie is dermate onzeker ('besprekingen met het Valkhofmuseum op te starten door de afdeling Cultuur'?) dat wij van mening zijn dat de afdeling Bouwen & Wonen de aanvraag had moeten weigeren c.q. niet ontvankelijk had moeten verklaren wegens het aanleveren van onvoldoende en niet beoordeelbare gegevens 'nieuwe situatie'. Wat betreft de nieuwe locatie is op geen enkele wijze aangegeven waar de gobelins komen te hangen. De in het vooruitzicht gestelde tentoonstelling in mei 2005 lijkt een doekje voor het bloeden. Daarna worden de gobelins het museum als het ware in de maag/depot gesplitst. Indachtig de doelstelling van zowel Bond Heemschut als Vereniging Numaga, waardoor wij als belanghebbenden kunnen worden aangemerkt, verzoeken wij u met klem de van rijkswege beschermde Metamorfosentapijten te laten hangen, c.q. terug te hangen op hun eigen plaats in de raadzaal. De gobelins zijn onderdeel van het rijksmonument stadhuis en onlosmakelijk verbonden met de geschiedenis daarvan. Wanneer ze uit hun context gehaald worden zijn het 'kunstwerken' die als 'l'art pour l'art-objecten' een vervreemdend leven zullen gaan leiden ver van het verhaal dat ter plaatse van het stadhuis zo goed verteld kan worden. Jammer dat uw college het zichtbaar maken van de geschiedenis van Nijmegen geen warmer hart toedraagt. Hoogachtend, CC: Commissie voor Beeldkwaliteit gemeente Nijmegen; Rijksdienst voor de Monumentenzorg; De Gelderlander; De Brug In november 2004 brengt de gemeentelijke commissie Beeldkwaliteit haar advies uit over het verdwijnen van de gobelins uit het stadhuis naar Museum Het Valkhof. De commissie gaat morrend akkoord: jammer, maar helaas, vindt de commissie. De Commissie Beeldkwaliteit bis Commissie beeldkwaliteit, Geacht College, De verwijdering van de gobelinserie Metamorfosen van Ovidius uit de raadzaal van het stadhuis houdt verband met de gerealiseerde verbouwing van de raadzaal. Bij de planontwikkeling om te komen tot een vergaderruimte voor een modern gemeentebestuur, een raadzaal die aansluit bij de hedendaagse eisen, is aan functionaliteit een zwaarwegender belang toegekend dan aan behoud van de historische wandtapijten ín de raadzaal. De voorgenomen verwijdering is bovendien door de gemeente aanvankelijk niet herkend als een vergunningplichtige wijziging van monumentale kwaliteiten. In haar brief van 19 augustus 2004 aan het gemeentebestuur heeft de Commissie Beeldkwaliteit de verplaatsing van de zeven wandtapijten aan de orde gesteld en heeft zij haar standpunt over dit onderwerp helder uiteengezet. Met verwijzing naar deze brief benadrukt de commissie nogmaals dat behoud van de wandtapijten in het bestuurlijk centrum van de stad een onvoorwaardelijk uitgangspunt had moeten zijn bij de planvoorbereidingen. De commissie realiseert zich echter dat de verwijdering van de wandtapijten uit de raadzaal als een voldongen feit moet worden beschouwd en dat het irreëel is terugplaatsing te verlangen. De inmiddels weer in gebruik genomen raadzaal is immers door de verbouwing ongeschikt geworden voor de opname van de zeven wandtapijten. De commissie hecht er evenwel aan haar principiële standpunt - niet akkoord met verplaatsing van gobelins - te bekrachtigen in dit formele advies. Echter gelet op de omstandigheden, is de commissie zich ervan bewust dat een principieel negatief advies - vanwege de onomkeerbare situatie - in werkelijkheid niet uitvoerbaar is. De commissie kan daarom niet anders dan berusten in het feit dat de tapijten niet terugkeren in het stadhuis. Uit de bij de aanvraag gevoegde stukken blijkt, dat momenteel onderhandelingen gaande zijn met Museum het Valkhof om de wandtapijten aldaar voor het publiek tentoon te stellen. Gelet op de collectie en de locatie van dit museum acht de commissie de voorgenomen nieuwe plek van de tapijten een zeer aanvaardbaar alternatief. De commissie wijst op de volgende aandachtspunten die bij de onderhandelingen een plek moeten krijgen:
Verder pleit de commissie ervoor om bij de vernieuwde raadzaal op een verantwoorde wijze het verband te leggen tussen het verhaal van de wandtapijten en het verhaal van de plek. Afsluitend spreekt de commissie de hoop uit dat de gang van zaken omtrent de tapijtenverplaatsing als een jammerlijk incident kan worden beschouwd. Zij vertrouwt erop dat onderwerpen waarbij mogelijkerwijs cultuurhistorische kwaliteiten in het geding zijn, vroegtijdig ter advisering aan de commissie worden voorgelegd. De commissie is bovendien gaarne bereid om ook te adviseren als het om niet-vergunningplichtige activiteiten gaat. Namens de Commissie Beeldkwaliteit, Pleitnota Heemschut en Numaga Op 29 november 2004 vergadert de Commissie Stadsontwikkeling. Op de agenda onder meer: de toekomst van de Nijmeegse gobelins. Marga Jetten brengt, namens Heemschut en Numaga, het volgende naar voren: "Geachte voorzitter, raadsleden/commissieleden Graag willen wij namens bovengenoemde verenigingen gebruik maken van de gelegenheid onze brief van 23-7-04 toe te lichten. Bovendien willen wij de brief overhandigen waarin wij onlangs onze zienswijzen hebben overgebracht nav de aanvraag monumentenvergunning die op 27-10-04 gepubliceerd werd in De Brug. Inhoudelijk zijn wij in onze brief genoegzaam ingegaan op de cultuurhistorische en kunsthistorische waarden van de gobelins. Ook de brieven van de Commissie Beeldkwaliteit van 19-8-2004 en van de heer Van Moorsel van 20-8-2004 gaan uitgebreid in op de betekenis van de gobelins in het algemeen en de betekenis voor de stad Nijmegen in het bijzonder. Sinds onze brief afgelopen zomer hebben wij heel veel reacties gehad van Nijmegenaren, die het met ons eens zijn dat de gobelins in het stadhuis horen. Ook al zou er elders in de stad plek zijn voor de gobelins, en het museum Het Valkhof lijkt hiertoe te worden gedwongen, dan nog zullen ze vervreemd zijn van hun oorspronkelijke plek, het stadhuis, waar ze thuishoren sinds de onderhandelingen die geleid hebben tot de Vrede van Nijmegen. Over de gang van zaken mbt het verwijderen van de gobelins uit het stadhuis willen wij nog de volgende kanttekeningen plaatsen. Allereerst moet ons van het hart dat wij versteld hebben gestaan over de wijze waarop de besluitvorming heeft plaatsgevonden. Vooral bij het doorlezen van de aanvraag bouw- en monumentenvergunning (2,5 A4tje) lijkt het welhaast een onder onsje van de afdeling die voor de interne verbouwing van het stadhuis verantwoordelijk is. We zouden de opdracht voor die verbouwing mét de voorwaarden graag willen inzien. Volgens het concept-antwoord op onze brief zou het presidium een programma van eisen hebben opgesteld. 'Functioneel en esthetisch verantwoord' zijn de sleutelwoorden bij de herinrichting, maar zonder de gobelins want dat is te lastig (luchtvochtigheid en lux). Men heeft wel heel gemakkelijk geredeneerd: 'wanneer de gobelins niet in het nieuwe ontwerp van de raadzaal passen komen ze maar niet terug en moeten ze maar elders worden ondergebracht'. Zonder deskundig advies vooraf (heeft nou echt niemand gedacht aan de Commissie Beeldkwaliteit?) heeft MEN besloten (wie, het presidium, het college?) dat de gobelins niet terugkeren. In het concept-antwoord op onze briefstaat: "Wij kunnen u verzekeren dat er lang en goed is nagedacht en gedebatteerd over de verbouwing... juist vanwege de bijzondere historische band tussen de gobelins en het stadhuis... ". In het kader van de openbaarheid van bestuur zouden wij de notulen van dit debat en de deskundige interne adviezen die hierover gaan graag willen inzien. Men wist niet dat de gobelins beschermd waren wordt als excuus aangevoerd, men wist toch wel dat ze bijzonder waren... Nu blijkt dat de gobelins wettelijk beschermd zijn ontkomt ook de gemeente niet aan een officiële vergunningsprocedure (als mosterd na de maaltijd). Echter, ook wanneer de gobelins niet waren beschermd is de gang van zaken schandelijk te noemen voor Nijmegen. Zo ga je niet met je cultureel erfgoed om.
Behalve het punt van vervreemding (wanneer de gobelins elders worden ondergebracht) willen wij ook nog even ingaan op de voorgestelde nieuwe locatie. Een tijdelijke tentoonstelling in Museum Het Valkhof komende zomer is mooi, maar wat daarna? Stelt u zich eens voor dat de onderverdieping van het museum voor heel veel overheidsgeld wordt verbouwd en ontsloten als tentoonstellingsruimte. Is het verantwoord om daar de gobelins te hangen, de hele serie? wel een erg dure oplossing en nog geheel misplaatst ook; wat moet een museum daarmee? Je moet al heel weinig verstand hebben van museumbeheer wil je daarin trappen. Voor eventuele andere locaties geldt eenzelfde verhaal. Afsluitend pleiten de Vereniging Numaga en de Bond Heemschut er dan ook voor dat de
gobelins gewoon terugkeren naar de plek waar ze horen, het stadhuis. De raadzaal lijkt ons
de beste optie. Eeen 'aanpassing' van deze raadzaal is niet 'onomkeerbaar' en zal
waarschijnlijk minder kosten met zich meebrengen dan een locatie elders. UV-filters zijn
goedkoper dan een verbouwing van het museum. Bovendien, kunnen wij u verzekeren, zal de
akoestiek in de raadzaal verbeteren! Verslag van de discussie in de commissie Stadsontwikkeling van 29-11-2004: "Stadspartij vraagt welke concrete mogelijkheden mw Jetten ziet als zij
aangeeft geen genoegen te willen nemen met het antwoord van het College. De voorzitter concludeert dat de meerderheid van de fracties wil dat de gobelins
structureel toegankelijk blijven voor het publiek, er onderzoek wordt verricht c.q. een
evaluatie plaatsvindt naar de procesgang van de inrichting en renovatie van de raadszaal
en de gobelins in het bijzonder en tot slot of er een mogelijkheid bestaat de gobelins in
enigerlei vorm terug te hangen in de raadszaal en/of het stadhuis." Wat vooraf ging "Memorandum Directie Stadsbedrijven, Servicecentrum Onderwerp: Aanvraag vergunning voor het verplaatsen van 7 gobelins uit de Raadzaal naar Museum het Valkhof Mijne dames en heren Voor de aanpassing van de Raadzaal is een Plan van Aanpak geschreven. De doelstelling en beoogd effect is aanpassing van de huidige Raadzaal tot een functioneel en esthetisch verantwoord geheel. Het Programma van Eisen is opgesteld en met betrekking tot de gobelins is het volgende beschreven: "Voor het behoud van de gobelins moet rekening worden gehouden met lichtinval en luchtvochtigheid. De functionaliteit van de Raadzaal gaat voor het handhaven van de gobelins. Als blijkt dat de eisen gesteld aan het behoud van de gobelins (relatieve vochtigheid tussen 48-55%, lichtinval door ramen en armaturen UV-gefilterd is en niet meer dan 50 lux bedraagt (museale eis voor verlichting), samen kunnen gaan met de nieuwe inrichting, dan de gobelins handhaven (met beschermingsmiddelen) en de andere geheel of gedeeltelijk elders in het Stadhuis onderbrengen". De architect stelt voor de gobelins op te hangen in de nieuw te formeren toegangspuien en wel aan de gangzijde van de Raadzaal. Op die manier kan het Programma van Eisen goed gehanteerd worden en is de tegenstrijdigheid voor belichting niet meer aan de orde. Het voorstel om 3 gobelins daar op te hangen is in de klankbordgroep (=Presidium) goed ontvangen en zal verder worden uitgevoerd. Mevrouw S.Heijne zal onderzoeken welke gobelins in het Stadhuis blijven en waar de overige gobelins kunnen worden tentoongesteld. In de memo van 18 november 2003 doet mevrouw S. Heijne een voorstel de volgende 3
gobelins in de nieuwe toegangspuien op te hangen, t.w.: Om tijdens de rondleidingen toch over de serie van 7 te kunnen vertellen, het voorstel de overige 4 gobelins (T10 t/m T13) te fotograferen en in de nabijheid van de raadzaal aan de muur te hangen. Op 12 januari 2004 heeft een gesprek plaatsgevonden met de gemeentesecretaris H.Bekkers, wethouder T.Hirdes, architect P. Kleinlooh, Mw. H. Peterse (DGG), G. Lemmens en Mw. S. Heijne (DSB) inzake de plaats van de gobelins. Besloten is dat de gobelins in Nijmegen blijven en als serie van 7 compleet blijven. Naar aanleiding hiervan wordt onderzocht door Mw. Heijne of de gobelins ondergebracht kunnen worden in het Valkhofmuseum. Er wordt vanuit gegaan dat er geen gobelins in of bij de Raadzaal teruggebracht hoeven worden. Het eerste gesprek dat plaats vindt met het Valkhofmuseum is op 19 februari 2004. Bij dit gesprek zijn aanwezig Mw. M. Brouwer, directeur Valkhofmuseum, Mw. H. Peterse, G. Lemmens en Mw. S. Heijne. Gezamenlijk is de benedenverdieping bekeken. Deze ruimte is tijdelijk beschikbaar en zal o.a. worden aangewend voor tijdelijke exposities. De hoogte van de wanden van de benedenverdieping is geschikt voor de gobelins dit in tegenstelling tot de wanden van het Stadhuis die niet voldoende hoog zijn o.a. voor met name de ophangconstructie. Er zijn geen ramen in de betreffende ruimte, dus geen problemen met lichtinval. De luchtvochtigheid is goed. In de maand augustus wordt voor de zekerheid nog een luchtvochtigheidsmeting gedaan. Vanaf 1 mei 2005 is het mogelijk dat de 7 gobelins in haar totaliteit kunnen worden
tentoongesteld. De gobelins worden in bruikleen gegeven aan het museum. De
onderhoudskosten (firma Paswerk) worden betaald door de Gemeente Nijmegen. Voor het
permanent gebruik van de benedenverdieping en permanent tentoonstellen van de gobelins
zullen extra investeringen nodig zijn en (dit) dient verder besproken te worden met het
Valkhofmuseum. In het Stadhuis zijn alle mogelijkheden onderzocht voor het herplaatsen van de gobelins, echter er bevinden zich geen ruimtes met voldoende hoogte in het Stadhuis waar ze tot hun recht komen. Het voorstel is akkoord te gaan met het verplaatsen van de gobelins naar het Valkhofmuseum, waar ze vanaf 1 mei 2005 tijdelijk tentoongesteld kunnen worden. Besprekingen met het Valkhofmuseum op te starten door de afdeling Cultuur inzake het permanent tentoonstellen van de gobelins. Het is echter geen optie dat de gobelins worden opgeslagen." De knoop doorgehakt? Besluit B&W 31-05-05 Van het voorstel om de tapijten in museum Het Valkhof ten toon te stellen komt (vooralsnog?) niets terecht. En ook de optie "dat de gobelins worden opgeslagen" blijkt minder verwerpelijk dan het hiervoor geciteerde memorandum stelt. De Gelderlander van 8 juni 2005 weet te melden dat de gobelins zullen terugkeren naar het Stadhuis.Op 31-05-2005 hebben B&W van Nijmegen besloten tot "wisselend ophangen van de serie gobelins uit de raadzaal in het stadhuis o.a. rondom de raadzaal." Er komt dus een wisseltentoonstelling van drie van de zeven tapijten. En de vier overige? Die worden opgeslagen. Drie in de kelder van het Stadhuis, een bij een restaurateur. Polderen in Nijmegen. Brief B&W aan de Raad inzake het besluit van 31-05-05 Het besluit van 31 mei 2005 wordt in een brief aan de Raad d.d. 15 juni meegedeeld. De tekst ervan luidt:
De raadzaal van het Nijmeegse stadhuis is onlangs geheel gerenoveerd en aangepast aan
de eigentijdse functionele eisen die gesteld mogen worden aan een raadzaal. Daarbij is het
niet mogelijk gebleken om een serie van zeven gobelins, die in de oude raadzaal was
opgehangen, een plaats te geven in de nieuwe raadzaal. De RDMZ gaat ook akkoord dat op termijn een van de drie series gobelins wisselend wordt opgenomen in een nieuw in te richten permanente tentoonstelling over de Vrede van Nijmegen in Museum Het Valkhof te Nijmegen. Indien Museum Het Valkhof komt met een sluitende (externe) financiering zijn wij bereid deze mogelijkheid verder uit te werken. De Gemeente Nijmegen zal hieraan dus geen financiële bijdrage leveren. Wij zijn van mening dat op bovenstaande wijze de problematiek t.a.v. het niet meer kunnen ophangen van de gobelins in de nieuwe raadzaal op een acceptabele wijze is opgelost. Met vriendelijke groet, Commissie Stadsontwikkeling 20-6-2005: Nieuw pleidooi van Numaga en Heemschut voor terugkeer tapijten Het besluit van B&W komt op de agenda van de Commissie Stadsontwikkeling van 20 juni 2005. Daar blijkt dat een tentoonstelling van de tapijten in museum het Valkhof niet mogelijk is. De Rijksdienst voor de Momnumentenzorg is van mening dat de gobelins onverbrekelijk bij het Stadhuis horen, en daar dus moeten blijven. Vandaar de voorgestelde 'oplossing' van een wisseltentoonstelling.
"Ondergetekenden willen hierbij namens de historische vereniging Numaga en de Bond Heemschut reageren op het collegebesluit d.d. 31 mei 2005 inzake de gobelins uit de raadzaal van het stadhuis. Zoals bij u bekend hebben beide verenigingen een jaar geleden geprotesteerd tegen het feit dat de historische gobelins zo maar, zonder procedure, verwijderd werden uit het stadhuis. Behalve een bericht van ontvangst van slechts één van onze brieven en een uitnodiging voor uw commissie Stadsontwikkeling eind november 2004 (plus een niet volledig verslag) hebben wij niets van gemeentezijde vernomen (wij verwijzen hierbij graag naar onze brieven en pleitnotitie uit 2004). Ook thans moeten wij uit de krant vernemen dat het college de gobelins toch in het stadhuis wil laten hangen, althans Het college schrijft: "Met dit voorstel beoogt het college van B&W in overleg met de Rijksdienst voor de Monumentenzorg een oplossing te bieden om alle gobelins in het stadhuis van de Gemeente Nijmegen te behouden. De serie uit de voormalige? raadzaal wordt met dit besluit wisselend tentoongesteld." Doel: desgevraagd informeren.
Ook zijn wij zeer benieuwd naar de brief met het advies van de RdmZ, die wellicht bij uw stukken zit. Deze dienst heeft nav de in het najaar van 2004 gevoerde artikel 11-procedure aan de gemeente advies uitgebracht over het verzoek tot wijziging van het rijksmonument, namelijk om de gobelins te mogen verwijderen uit het stadhuis en onder te brengen in het museum Het Valkhof. Tot drie maal toe heeft de heer Smits aan de heer Verheul van de afdeling monumenten van de gemeente Nijmegen mondeling om inzage in de brief van RdmZ gevraagd, maar dit werd telkens afgehouden. Het argument was dat de brief niet meer relevant zou zijn omdat de vergunningprocedure was stopgezet. Ook daar hebben wij als indieners van bedenkingen en bezwaar niets over vernomen. In het kader van de openbaarheid van bestuur zouden wij hierbij toch met klem willen verzoeken de genoemde brief en ook het dossier te mogen inzien. Vanavond willen wij hier onze bezorgdheid uitspreken over het voorstel van het college. In het B&W-besluit van 31 mei 2005 staat letterrlijk: "Wisselend ophangen van de serie gobelins uit de raadzaal in het stadhuis o.a. rondom de raadzaal." U begrijpt dat wij dit voorstel weinig concreet achten en bang zijn dat de opgerolde gobelins als waren het rollen behang ergens ondergeschoven raken en niet meer tevoorschijn zullen komen. Wie wordt hier verantwoordelijk voor, de afdeling Interne producten Stadsbedrijven? Daar hebben wij helaas weinig vertrouwen in. Wij hebben ons inziens een beter voorstel. Hang de gobelins weer terug in de raadzaal! Daar is na de interne verbouwing, hebben wij opgemeten, nog wandoppervlakte genoeg! Bijgevoegd hebben wij een plattegrond en aanzichten van de raadzaal waarbij u zich, weliswaar schetsmatig, een voorstelling kunt maken van de gobelins in de raadzaal. Wij doen een dringend beroep op u raadsleden om ons voorstel in overweging te nemen en de gobelins te laten waar ze horen, in de raadzaal van het stadhuis van Nijmegen, sinds de Vrede van Nijmegen! Historische vereniging Numaga en de Bond Heemschut, Opnieuw een motie van de Stadspartij Tijdens de Raadsvergadering van 6 juli 2005 dient de Stadspartij opnieuw een motie in over de toekomst van de tapijten: Gemeenteraad Nijmegen MOTIE De gemeenteraad van Nijmegen, in vergadering bijeen op 6 juli 2005, overwegende: spreekt uit: w.g. Stadspartij Nijmegen, Bea van Zijll de Jong-Lodenstein Uitslag stemming: Voor: (14) GL (Witsenhuijsen, Vermeulen, Welschen), CDA, Stadspartij,
VSP, D66, NijmegenNu (Ter vergelijking: bij een eerdere, eveneens verworpen motie van de Stadspartij ten gunste van het behoud van de tapijten in het gemeentehuis, zie hiervoor, was de uitslag van de stemming als volgt: Voor: PvdA (Smals), Stadspartij, VSP, D66, NijmegenNu Tegen: GL, PvdA (5), SP, CDA, VVD Commissie Beeldkwaliteit doet veldonderzoek Blijkens een bericht in De Gelderlander van 3 september 2005 is de commissie Beeldkwaliteit inmiddels op onderzoek uitgegaan: wat is er terecht gekomen van de door B&W voorgestelde tentoonstelling van een deel van de gobelins in de buurt van de Raadzaal? En waarom hangen ze eigenlijk gewoon niet weer in de Raadzaal? Als we De Gelderlander mogen geloven (en waarom zouden we niet?) was de commissie niet onverdeeld gelukkig met de uitkomsten van haar veldonderzoek. Enkele gobelins hangen nu bij de ingangen voor raadsleden van de nieuwe raadzaal. "Half zichtbaar in nissen, een forse pilaar midden voor het tafereel dat op de doeken is afgebeeld. De deuren van de raadzaal slaan tegen de doeken aan."schrijft Peter Deurloo in De Gelderlander. Maar tot enig substantieel protest van de Commissie leidt dat vooralsnog niet. De Gelderlander citeert oud-wethouder Wim Hompe, voorzitter van de Commissie Beeldkwaliteit: "We zullen het college laten weten dat we het volste vertrouwen hebben dat het een goede oplossing vindt." Met zulke opponenten hebben B&W natuurlijk geen medestanders meer nodig. Wat vindt de webbeheerder van Numaga ervan? Wanneer beseffen onze bestuurderen nu eindelijk wat een onvergeeflijke blamage voor de oudste stad van Nederland dit gesol met het stedelijk erfgoed is? Wat er nog zichtbaar is of zou kunnen zijn van de stedelijke historie zou als een sterke troef van de stad moeten worden uitgespeeld, en niet opgeborgen en weggestopt als een (vermeend) obstakel voor moderniseringen. Beste bestuurderen, draai dit besluit terug en laat de tapijten terugkeren waar ze horen. Berekeningen, uitgevoerd door ing. A.A.M. Smits, lid van de Bond Heemschut en van Numaga, hebben uitgewezen, dat herplaatsing van de 7 Metamorfosentapijten in de gemoderniseerde raadzaal wel degelijk mogelijk is. De hoogte van de raadzaal is toereikend, en er zijn voldoende grote muurvlakken beschikbaar. De noodzakelijke aanpassingen in de verlichting boven de wandtapijten zullen bovendien de lichttemperatuur en het klimaat in de zaal ten goede komen. Ook de nu vrij beroerde akoestiek zal erop vooruit gaan. Wie wil weten hoe men bij onze Belgische buren met kostbare wandtapijten omgaat, neme een (virtueel) kijkje in Oudenaarde (klik op Cultuur, Tapijten). Misschien een mooi reisdoel voor een uitstap van de Nijmeegse gemeenteraad? B&W mee, graag. |
||||
| Commentaar? Suggesties?
Vragen? Mail ons: info@numaga.nl |
Laatst bijgewerkt: 07-09-2007 |
|||