NUMAGA

Vereniging tot beoefening van de Geschiedenis van Nijmegen en Omgeving


De geschiedenis van de wandtapijten van het Nijmeegse Stadhuis 3

De Nijmeegse wandtapijten in de 21e eeuw
   22-06-04: Wandtapijten verdwenen uit Raadzaal
   23-07-04: Persbericht Heemschut
   23-07-04: Boze brief Heemschut en Numaga
   30-07-04: Wandtapijten naar Valkhof
   19-08-04: Boze brief Commissie Beeldkwaliteit
   20-08-04: brief van W. van Moorsel
   24-08-04: De architect
   22-09-04: motie Stadspartij  
   27-10-04: Vergunningaanvraag verplaatsing naar Valkhof
   09-11-04: reactie Heemschut en Numaga op vergunningaanvraag
   15-11-04: reactie Commissie Beeldkwaliteit op vergunningaanvraag
. 29-11-04: Pleitnota Heemschut en Numaga bij Cie Stadsontwikkeling
29-11-04: Verslag discussie Cie Stadsontwikkeling
21-09-04: memo dienst Stadsbedrijven aan Bouw en Wonen
31-05-05: Besluit B&W: polderen in Nijmegen
15-06-05: toelichting B&W op besluit
20-06-05: Numaga en Heemschut niet tevreden
06-07-05: opnieuw een Motie Stadspartij
02-09-05: Veldonderzoek Cie Beeldkwaliteit
Oudenaarde

De Nijmeegse wandtapijten en de Vrede van Nijmegen
De Nijmeegse wandtapijten in de 20e eeuw

Ruim twee decennia geleden beschreef Herman de Heiden in twee artikelen de geschiedenis van de Nijmeegse gobelins in het stadhuis. Nuttige lectuur voor wie het 'geheugen van de stad' ter harte gaat. Voor De Heidens artikel over de tapijten in de twintigste eeuw, klik hier. Voor de geschiedenis van de tapijten vóór die tijd, klik hier. En hoe het de tapijten in de 21e eeuw vergaat leest u hieronder.


De gobelins van het Stadhuis: de trots van Nijmegen
De geschiedenispagina's op de website van de gemeente Nijmegen maken met trots melding van de 17e eeuwse  gobelins die het Nijmeegse Stadhuis al eeuwenlang sieren. Daar was tot voor kort te lezen over de tijd dat de tapijten in Nijmegen terecht kwamen:

"Tijdens de 80-jarige oorlog lag Nijmegen in actief oorlogsgebied. De handel verplaatste zich door al het geweld naar Holland en de economische bloei van Nijmegen leek voorbij. Ook later lag Nijmegen, als vestingstad, nog vaak in de vuurlinie. Nijmegen was niet alleen belangrijk toen er gevochten werd. Bij de oorlog van Frankrijk tegen de Republiek der Zeven Verenigde Provincien (1672 - 1676) raakten vele landen betrokken. Toen in 1676 zo'n dertig Europese staten en steden vredesonderhandelingen startten om een einde te maken aan deze oorlogen, werd Nijmegen gekozen als vergaderplaats. De onderhandelingen duurden zeker twee jaar en brachten veel bedrijvigheid met zich mee. in 1678 en 1679 werden de vredesverdragen gesloten, die gepaard gingen met grote feesten. Uit de tijd van de 'Vrede van Nijmegen' stamt een aantal van de prachtige tapijten, die in het stadhuis zijn te bewonderen."

De laatste zin van deze tekst op de gemeentelijke website is inmiddels aangepast. Nu staat er: "Uit de tijd van de 'Vrede van Nijmegen' stamt een aantal prachtige wandtapijten." (www. nijmegen.nl) De reden waarom de oorspronkelijke tekst aanpassing behoefde vindt u hieronder.


Stadhuis Nijmegen: Raadzaal met MetamorfosentapijtenDe Raadzaal in het Stadhuis van Nijmegen, mèt Metamorfosentapijten.
Foto: Jan van Teeffelen,  uit:
Herman de Heiden,  Met bekoorlijke luister, een wandeling langs de historische monumenten in de binnenstad van Nijmegen. Nijmegen, 1998

De gobelins van het Stadhuis: voorheen de trots van Nijmegen
Sinds een recente (2004) verbouwing van de Raadzaal in het Nijmeegse Stadhuis, is een deel van de 17e eeuwse gobelins die het Stadhuis sedert eeuwen sierden, uit de Raadzaal verdwenen: de Metamorfosentapijten. Het college van B en W van Nijmegen heeft al in april Museum Het Valkhof gevraagd de tapijten onderdak te bieden, zo meldt De Gelderlander van 22-6-2004. U leest het artikel in kwestie hieronder.

"Wandtapijten weg uit raadzaal De Gelderlander van 22-06-2004

NIJMEGEN - Zeven wandtapijten, stille getuigen van de internationale vredesonderhandelingen in de 17de eeuw in Nijmegen, verdwijnen na tientallen jaren uit de raadzaal in het stadhuis.
Volgens historici zijn de wandkleden de meest cruciale objecten uit de Nijmeegse geschiedenis. Ze herinneren aan de Vrede van Nijmegen, een vrede tussen zo'n dertig Europese staten en steden. De tapijten moeten het veld ruimen, omdat hun aanwezigheid zich niet verdraagt met een betere verlichting van het lokale vergaderpodium. Raadsleden en burgemeester geven de voorkeur aan een modernere, dus lichtere uitstraling van de ruimte die momenteel een opknapbeurt ondergaat.

Vier maanden geleden is door het college van burgemeester en wethouders een verzoek bij Museum Het Valkhof neergelegd om de zogenoemde Metamorfosen-tapijten (met afbeeldingen naar de tekst van de Romeinse schrijver Ovidius) daar een plek te geven. Gezien de omvang van de kleden van gemiddeld vier bij drie meter is het echter nog maar de vraag of het Valkhofmuseum ze kan plaatsen. "Áls dat mogelijk is, dan moeten ze op een mooie plek komen waar iedereen ze goed kan bezichtigen", aldus conservator P. Roelofs. "Maar we weten niet of we daar wel de geschikte ruimte voor hebben."
Roelofs ziet kansen om 'mooie verbanden' te leggen met de eigen collectie: "Maar op de bovenverdieping is zeker geen plaats meer, dus moet het de kelderruimte worden." En dat is weer lastig: "Omdat we daar andere plannen mee hadden."
Roelofs zegt dat voor de wandtapijten mogelijk ook elders in Nijmegen een representatieve locatie gevonden kan worden. Zijn eerste zorg is dat de voor Nijmegen zo belangrijke kunstwerken goed geconserveerd worden. "En vanzelfsprekend moet iedereen ze kunnen zien. Ze mogen niet permanent in een depot belanden."
Nijmeegse verdures: De ArendWat hem betreft keren ze na verloop van tijd terug naar het stadhuis, waarvoor ze ruim driehonderd jaar geleden gemaakt zijn. Hier hangen meer van dit soort kleden die in de 17de eeuw door Nijmegen werden aangekocht als decoratie voor de langdurige vredesonderhandelingen van afgevaardigden uit de toenmalige internationale gemeenschap.

Burgemeester Ter Horst is de waardevolle tapijten op de openbare plekken in het stadhuis echter liever kwijt dan rijk. "In de ontvangsthal zijn geregeld recepties. Mensen lopen met wijn en haring langs de kleden. Dat is geen wenselijke situatie."

De architect van de nieuwe raadzaal, Paul Kleinlooh, heeft vanaf begin af aan aangegeven de wandtapijten niet te kunnen combineren met de wens voor een 'transparante' vergaderruimte: "Het was wel een punt van zorg dat het Nijmeegs erfgoed moet verdwijnen, maar de raadsleden zeiden ook dat een vergaderruimte nu eenmaal geen museum is."
De tapijten maken de muren bovendien donker. "Dat past niet bij de wens voor een efficiënte, lichte en transparante raadzaal met een moderne uitstraling."

Valkhofconservator Roelofs vindt ook dat omzichtiger met de kleden moet worden omgegaan. Een beschermhoes is daarom volgens hem een eerste voorwaarde. De economische waarde van de kleden is volgens Roelofs overigens niet te achterhalen. "Tapijtenseries van dit kaliber kom je niet op de kunstmarkt tegen." Omdat de kunstwerken echter uniek en onvervangbaar zijn, heeft de gemeente ze per stuk verzekerd voor een half miljoen euro.

Omdat een aantal raadsleden toch vond dat het historische karakter van de stad in de inrichting van de raadzaal tot uiting moet worden gebracht, is besloten als compromis een ander 'vredes'-tapijt, een kunstwerk dat los staat van de zeven Metamorfosen-kleden ('groentapijt' De Arend), naast de ingang van de vergaderruimte op te hangen."


Een maand later meldt De Gelderlander dat er inderdaad plannen zijn om de Metamorfosentapijten bij Museum Het Valkhof onder te brengen, dat voor 2005 een expositie over de tapijten op het programma zou hebben staan: 

"Gobelins permanent in Valkhof De Gelderlander van 30-07-2004

NIJMEGEN - Zeven historische wandtapijten die al sinds de zeventiende eeuw in het Nijmeegse stadhuis hangen, worden vanaf maart permanent ondergebracht in Museum Het Valkhof. Daar worden ze van maart tot en met augustus tentoongesteld in de onlangs geopende expositieruimte op de kelderverdieping. Wat er daarna met de zogenoemde gobelins uit de zeventiende eeuw gebeurt, is onzeker. De kans is groot dat ze in het museum worden opgeslagen.
Het permanent tentoonstellen van de doeken in het museum is nog niet mogelijk. De nieuwe expositieruimte is bedoeld voor hedendaagse kunst en de zalen boven zijn te laag voor de tapijten van wel vier bij drie meter. Onder de grond is volgens directeur Brouwer van het museum op termijn nog wel ruimte vrij te maken.
"Eigenlijk horen de gobelins natuurlijk in de raadzaal terug te keren, maar het belangrijkste is dat ze in Nijmegen blijven", aldus Brouwer. "Maar het is mooi dat we ze in het Nijmeegse jubileumjaar kunnen tonen. Een rondleider zou het hele verhaal van de tapijten uit de doeken kunnen doen."

De raadzaal van het stadhuis wordt momenteel verbouwd en krijgt een modernere en lichtere uitstraling. De enorme, donkere doeken, met daarop afbeeldingen naar de tekst van de Metamorfosen van de Romeinse schrijver Ovidius, passen daar niet bij, menen de architect, raadsleden en burgemeester en wethouders.

De tapijten werden in 1677 door de Staten-Generaal in Den Haag gekocht als decoratie bij de langdurige onderhandelingen tussen dertig Europese staten en steden voor wat later de Vrede van Nijmegen ging heten. Die onderhandelingen vonden plaats in het Nijmeegse stadhuis. Kenners noemen de tapijten daarom van onschatbare cultuurhistorische waarde voor Nijmegen. De verzekerde waarde bedraagt een half miljoen euro per stuk.

De doeken zijn momenteel bij het textielreparatiebedrijf Paswerk in Haarlem. Dat bekijkt volgende maand of het klimaat in de nieuwe expositieruimte wel geschikt is voor de tapijten. Brouwer verwacht geen problemen. Het bedrijf adviseert ook over de wijze van opslag. Volgens Brouwer is met de gemeente afgesproken dat die de kosten van opslag, waarvoor mogelijk speciale rekken moeten worden vervaardigd, voor haar rekening neemt."


Bond Heemschut logoPersbericht Heemschut
"Gobelins uit stadhuis Nijmegen verwijderd
Het stadhuis van Nijmegen is gemoderniseerd en daarbij zijn historische gobelins verwijderd. Bij de herbouw na de oorlog van dit rijksmonument is met nadruk rekening gehouden met de plaatsing van de wandtapijten die in de zeventiende eeuw speciaal voor het stadhuis zijn aangeschaft.
Het stadhuis bezit drie kostbare series: dertien Verdurestapijten (thans in de Trêveszaal en de trouwzaal), vervaardigd in Delft en in 1664 aangeschaft door het stadsbestuur voor de raadzaal, zes Aeneastapijten (burgerzaal) en zeven Metamorfosentapijten (thans in de raadzaal). De laatste twee series kleden zijn in Antwerpen gemaakt en werden door de Staten Generaal aangeschaft ter verfraaiing van de zalen in het stadhuis. In 1676-79 vonden daar de vredesonderhandelingen tussen zo'n dertig Europese staten en steden plaats, die leidden tot de Vrede van Nijmegen.

De Metamorfosenserie moet nu wijken wegens een aanpassing van de raadzaal en is tijdelijk ondergebracht in museum Het Valkhof. De historische vereniging Numaga en Heemschut vinden dat de wandtapijten als cultuurhistorisch erfgoed onlosmakelijk zijn verbonden met de raadzaal en hebben meteen in juli protest aangetekend. Er zijn vragen gesteld over de beschermde status van de wandtapijten.
Wanneer is het besluit tot verwijdering genomen en wanneer is het gepubliceerd?
Hoe is er omgegaan met mogelijk vereiste vergunningen?
En heeft het college zich laten adviseren door deskundigen?
Tot op heden is hierop nog geen reactie ontvangen. Inmiddels heeft museum Het Valkhof in 2005 een tentoonstelling van de wandtapijten op het programma staan. Wat er daarna met de grote wandtapijten gebeurt is onduidelijk."
(Tekst ontleend aan: www.cultuurnet.nl)


Protestbrief Heemschut en Numaga
Heemschut en de historische vereniging Numaga schreven in juli 2004  aan de gemeente Nijmegen een brief op poten over het verdwijnen van de tapijten:

" Aan het College van Burgemeester en Wethouders en aan de Gemeenteraad van Nijmegen
Postbus 571
6500 AN NIJMEGEN
betreft: protest tegen verwijdering van cultuurhistorisch erfgoed uit raadzaal stadhuis te Nijmegen
onze ref: *MJ
Nijmegen, 23 juli 2004

Geachte burgemeester, geachte wethouders, geachte leden van de raad,
Langs deze weg willen de Vereniging Numaga en de Bond Heemschut met felheid protesteren tegen het kennelijke besluit van het gemeentebestuur om de historische wandtapijten of gobelins uit de raadzaal van Nijmegen, na een interne verbouwing, te verwijderen, c.q. niet meer terug te laten keren op hun eigen plek in die raadzaal. Na het bericht gelezen te hebben in de krant van enige weken geleden en na bekomen te zijn van een eerste schok van verontwaardiging was onze boze reactie: "Realiseert het gemeentebestuur zich wel dat het hier niet gaat om het vervangen van een behangetje?" Het bevreemdt ons zeer dat een bestuur, dat de geschiedenis van de stad hoog in het vaandel heeft en volgend jaar nota bene met veel tamtam het 2000!? jarig bestaan gaat vieren, hier zo kortzichtig de boel gaat opschonen en blijkbaar geen notie heeft van de waarde van dit stuk cultuurhistorisch erfgoed en de betekenis van deze kostbare wandtapijten voor de stad Nijmegen.

Nijmeegse metamorfosentapijten: Mercurius, Herse en Aglaurus

Nijmeegse metamorfosentapijten: Narcissus

Mercurius, Herse en Aglaurus

De geschiedenis van Narcissus

De grote wandtapijten in het stadhuis van Nijmegen zijn alom bekend, zowel bij kenners als bij niet-kenners. Ten overvloede, en naar wij hopen ook bij u bekend, zij hier vermeld dat het stadhuis in het bezit is van drie kostbare series wandtapijten, te weten: de Verdures of groenwerktapijten (13 stuks, thans in de Trêveszaal en de trouwzaal), vervaardigd in Delft en in 1664 aangeschaft door het stadsbestuur voor de raadzaal; de Aeneastapijten (6 stuks, thans in de Burgerzaal) en de Metamorfosentapijten (7 stuks, thans in de Raadzaal), beide series vervaardigd in Antwerpen en in 1677 aangekocht door de Staten Generaal in Den Haag, ten einde de voornaamste zalen in het achterhuis van het stadhuis, die in 1676-1678(9) intensief werden gebruikt tijdens de vredesonderhandelingen, een wat meer representatief uiterlijk te geven. Zoals bekend hebben de onderhandelingen geleid tot de befaamde Vrede van Nijmegen. Nijmegen stond in die twee genoemde jaren in het brandpunt van de Europese politiek! Na de aftocht van de ambassadeurs zijn de tapijten in het stadhuis achtergebleven en deel uit gaan maken van het kunstbezit van de stad. Kortheidshalve wordt voor verdere informatie over de geschiedenis, de betekenis en het uitzonderlijk belang van de wandtapijten verwezen naar de diverse publicaties van de kunsthistorica mw. dr. J.G. van Ysselsteyn. In de catalogus van de tentoonstelling "Het Stadhuis van Nijmegen", Nijmeegs Museum Commanderie van Sint-Jan 1982, staat een zeer informatief artikel van de hand van H.G.M. de Heiden.

Van belang voor onderhavig protest is evenwel nog het volgende. Na de Tweede Wereldoorlog, gedurende welke tijd de tapijten op last van de Rijkscommissie voor de Monumentenzorg werden verwijderd en in veiligheid gebracht, o.a. in de Sint- Pietersberg bij Maastricht, kwamen de tapijten, na een jarenlang proces van herstel, terug in het inmiddels herbouwde stadhuis van Nijmegen. De aanwezigheid van de series gobelins werd in 1978 zo hoog ingeschat dat men er bij de bouw van het huidige stadhuis achter het historische gedeelte rekening mee hield. De gobelins moesten onder de meest ideale omstandigheden worden opgehangen. Er moesten zalen komen met grote muren, waar het daglicht gedempt binnen viel. Dit leverde een buitengewoon stemmige en tegelijk toch een heel functionele nieuwe raadzaal op waar de Metamorfosentapijten prachtig tot hun recht kwamen. Nog nooit in hun driehonderd jarige bestaan hebben de ' Antwerpse tapijten' zo goed gehangen. Decennia lang droegen de wandtapijten bij aan de roem van het Nijmeegse stadhuis.
Het is ons inziens ongelooflijk dat een luttele 25 jaar later de Metamorfosentapijten opeens hinderlijke objecten geworden zijn. Dat de raad hier niet wil vergaderen omdat de ruimte niet modern en licht genoeg zou zijn. Het afschuiven van de wandtapijten naar het Valkhofmuseum heeft geen zin want daar heeft men uiteindelijk geen permanente ruimte beschikbaar voor een serie van een dergelijke omvang.
De Antwerpse tapijten zijn vanwege de Vrede van Nijmegen onlosmakelijk verbonden met het interieur van het stadhuis. Nergens anders horen ze thuis. Het stadsbestuur heeft namens de burgerij de dure plicht om het overgeleverde kunstbezit te behoeden en door te geven aan de volgende generatie. Het getuigt van kortzichtigheid om ten behoeve van een modieuze opknapbeurt een wezenlijk en cultuurhistorisch waardevol onderdeel van een interieur om zeep te helpen. Zijn de Aeneastapijten nu ook vogelvrij?

Indachtig de doelstelling van zowel Bond Heemschut als Vereniging Numaga, waardoor wij als belanghebbenden kunnen worden aangemerkt, verzoeken wij u met klem de Metamorfosentapijten te laten hangen, c.q. terug te hangen op hun eigen plaats in de raadzaal.

Graag zouden wij de volgende vragen nog beantwoord zien. Wij vragen ons af of deze wandtapijten een beschermde status hebben en of deze zo maar zonder vergunning verwijderd mogen worden; ook vragen wij ons af of uw college over het verwijderen van de tapijten een besluit heeft genomen, of en zo ja wanneer u dit besluit hebt gepubliceerd en of wij als belanghebbenden tegen een besluit als dit bezwaar kunnen maken. Tenslotte vragen wij ons af of u zich hebt laten informeren/adviseren door deskundigen. zoals monumentencommissie of commissie beeldkwaliteit en Rijksdienst voor de Monumentenzorg. Wij zouden graag hun mening/advies hierover willen ontvangen.
Hoogachtend,
Bond Heemschut,
Voor deze de provinciale commissie Gelderland, mw. drs. M. Jetten, secretaris

Vereniging Numaga,
voor deze, dr. J.B.A.M.Brabers, voorzitter

cc: Commissie voor Beeldkwaliteit gemeente Nijmegen (vh monumentencommissie)
Rijksdienst voor de Monumentenzorg
De Gelderlander "


Boze Commissie Beeldkwaliteit

De gealarmeerde Commissie Beeldkwaliteit klom in augustus 2004 eveneens in de pen om de gemeente de mantel uit te vegen in een geharnast epistel:

"Commissie Beeldkwaliteit
adviescommissie voor cultuurhistorie & ruimtelijke inrichting en vormgeving
secretariaat postbus 9105
6500 HG Nijmegen .(024) 329 9733
e: cie.bk@nijmegen.nl
onderwerp
wandtapijten stadhuis
datum 19-08-2004

Aan het College van Burgemeester en Wethouders
aan de Raad van de gemeente Nijmegen
Postbus 9105
6500 HG NIJMEGEN

Geacht college en raad,
Met verbazing heeft de Commissie Beeldkwaliteit kennis genomen van het voornemen om enkele historische wandtapijten na de verbouwing van de raadszaal niet te laten terugkeren in het stadhuis. De commissie meent dat hiermee de bijzondere cultuurhistorische betekenis van die tapijten wordt ontkend en dat bij uitvoering van het voornemen vanuit het geschiedkundige perspectief sprake zal zijn van een evidente blunder.

De stad Nijmegen verkeert in de uitzonderlijke positie drie series wandtapijten te bezitten, alle uit de zeventiende eeuw. De grootste serie bestaat uit dertien tapijten of gobelins, 'Verdures' genaamd. Deze tapijten met bossen, landschappen en dieren zijn rond 1665 vervaardigd door Bartholomeus van der Gucht uit Delft. Ze zijn speciaal voor de toenmalige raadskamer gemaakt, thans de Trêveszaal. Het merendeel van de Verdures hangt nog immer in de Trêveszaal, enkele bevinden zich in de trouwzaal en één tapijt hing tot voor kort in de raadzaal.
De tweede serie betreft voorstellingen van Aeneas en Dido, figuren uit de Romeinse mythologie. Deze serie bestond oorspronkelijk uit acht ontwerpen van Giovanni Romanelli. De Nijmeegse serie omvat zes tapijten en is hiermee de meest volledige, nog bestaande serie van dit thema. Deze serie gobelins bevindt zich in haar geheel in de Burgerzaal. De derde serie tapijten, bestaande uit zeven exemplaren, verbeeldt de Metamorfosen van Ovidius. De ontwerpen zijn van Daniël Janssens en Pieter Spierincks. De gobelins hingen tot voor de verbouwing van het stadhuis in de raadzaal.
Series twee en drie zijn afkomstig uit het atelier van Michiel Wauters te Antwerpen. Beide series zijn door de Staten Generaal in Den Haag besteld om de representatieve ruimten van het Nijmeegse Stadhuis te stofferen om zo een passende omgeving te scheppen voor de onderhandelingen die uiteindelijk geleid hebben tot de Vrede van Nijmegen (1678).

Het bestaan van een verzameling van dergelijke, bij elkaar behorende series wandtapijten is zowel vanuit nationaal als internationaal perspectief uitermate zeldzaam en van buitengewoon cultuurhistorisch belang. Veel van de oorspronkelijke series zijn in de loop der tijd immers verdeeld geraakt of zelfs vernietigd.
Dit gegeven én het feit dat de tapijtseries het decor vormden van een historische gebeurtenis waarbij Nijmegen even het middelpunt van de wereldpolitiek was, zouden voldoende redenen moeten zijn om de tapijten op de plek waarvoor ze bedoeld zijn te koesteren, namelijk in het bestuurlijk centrum. De series zijn immers tastbare herinneringen aan die vredesonderhandelingen; de tapijten maken onderdeel uit van het onvervreemdbare Nijmeegse cultuurerfgoed. Het bevreemdt de commissie dat het bestuur esthetische overwegingen blijkbaar van doorslaggevend belang acht.

Het is bekend dat de gobelins in het verleden niet altijd met de zorgvuldigheid zijn behandeld die ze verdienen. Een aantal tapijten uit de serie Verdures heeft zelfs een groot deel van de negentiende eeuw doorgebracht in een kist op de zolder van het stadhuis en delen zijn als stoelbekleding gebruikt. De waardering voor de tapijten keerde echter aan het eind van de negentiende eeuw terug en leidde er zelfs toe dat vanaf 1901 de tapijten uit de serie Verdures gerestaureerd werden.
De twee voor de vredesonderhandelingen gekochte series zijn van 1678 tot 1938 blijven hangen in de twee vergaderzalen achter de Gedeputeerdenplaats. Na de Tweede Wereldoorlog is een grootse en ingrijpende restauratie van de tapijten uit de drie series uitgevoerd. Alle tapijten kregen vervolgens een prominente plek in het gerestaureerde stadhuis. De serie Metamorfosen en de serie over Aeneas en Dido keerden in 1953 terug naar de plek achter de Gedeputeerdenplaats, maar dan in vier vergaderzalen, de zogeheten Gouden Kamers.

Bij de verbouwing en uitbreiding van het stadhuis (oplevering 1982) is eveneens rekening gehouden met de bijzondere tapijtseries. Bij de architectonische en technische uitwerking van de nieuwe raadzaal -op de plek van de Gouden Kamers -en burgerzaal is de voorgenomen verfraaiing van die zalen met tapijten uit de Metamorfosenserie en uit de reeks over Aeneas en Dido uitgangspunt geweest. Hierdoor zijn optimale omstandigheden gerealiseerd voor behoud van die tapijten en tegelijkertijd werd hiermee blijk gegeven van een juiste waardering voor de cultuurhistorische betekenis van die tapijten voor de stad. Het bevreemdt de Commissie Beeldkwaliteit dat ruim twintig jaar later die waardering niet meer herkenbaar is. De situatie is des te vreemder, nu het besluit tot verwijdering van de tapijten heeft plaatsgevonden in een periode waarin er een stadsbestuur bestaat dat cultuurhistorie hoog in het vaandel heeft staan. De commissie meent dat de tapijten een essentieel geschiedkundig document vormen en dat de zichtbare aanwezigheid in het bestuurscentrum hiervan eraan bijdraagt dat dit stadsbestuur -en ook de komende besturen -in historisch perspectief bezien worden. De beslissing om de wandtapijten buiten het stadhuis een plek te geven, betekent bovendien dat een traditie van 325 jaar wordt verbroken.

Tenslotte maken wij u attent op een nog niet belichte juridische kant van de zaak. De tapijtseries zijn benoemd in de redengevende beschrijving van het stadhuis, een beschermd rijksmonument. Hieruit dient ons inziens geconcludeerd te worden dat de tapijten een beschermd onderdeel vormen van het monument en dat derhalve wijzigingen hieraan (i.c. verplaatsing) monumentenvergunningplichtig zijn. Uit het feit dat de kwestie niet formeel ter advisering aan de commissie is voorgelegd, kan afgeleid worden dat de vereiste vergunningen vooralsnog niet zijn aangevraagd.

W.G.HompeUit het voorgaande moge duidelijk zijn, dat de Commissie Beeldkwaliteit afkeurend staat tegenover de verplaatsing van de tapijten. Er wordt u dan ook binnen het te doorlopen vergunningentraject een negatief advies in het vooruitzicht gesteld. De commissie wil desalniettemin graag geïnformeerd worden over de argumenten die geleid hebben tot het besluit tot verplaatsing van de tapijten. Met name de vraag hoe dit besluit zich verhoudt tot de waardering en erkenning van het Nijmeegse cultuurerfgoed is hierbij interessant. Wij zien uw reactie met belangstelling tegemoet.

Hoogachtend, W.G. Hompe,
voorzitter Commissie Beeldkwaliteit.


Antwoord van B&W: het ligt aan het Duale Stelsel! I

k (M.O., webbeheerder Numaga) neem aan dat de commissie Beeldkwaliteit zich collectief enigszins verbaasd op het hoofd krabde bij het antwoord op haar boze brief (als de commissie dat tenminste ontvangen heeft; een verzenddatum ontbreekt): B&W kunnen hier allemaal helemaal niks aan doen. Het is de schuld van het Duale Stelsel! Dat tolereert geen gedateerde  historische tapijten op de moderne werkplek! En bovendien: die tapijten schrikken de burgers maar af. En nogmaals bovendien: de commissie heeft in een eerder stadium even zitten slapen: de bouwvergunning is immers goedgekeurd! En er waren geen juridische bezwaren! Nou dan! We hangen ze gewoon in het museum. Bedankt voor uw mening, maar we doen er niks mee.

Het hierboven kort samengevatte (concept?)-antwoord van B&W luidde volgens de tekst die op de gemeentelijke website te vinden is:

"Directie Stadsbedrijven Servicecentrum
Verzenddatum: (Ontbreekt.)
Datum uw brief: 19.08.04
Onderwerp: Gobelins
Ons kenmerk: B650/04.0040331
Contactpersoon: S. Heijne
Doorkiesnummer: 3293191

bw-nijmegen.jpg (20091 bytes)

Geachte Commissie,
Op 25 augustus jl. hebben wij uw brief over de Gobelins van het Stadhuis ontvangen. Wij berichten u hierover het volgende: De inwerkingtreding van het Duale Stelsel in 2002 is de directe aanleiding geweest voor de verbouwing van de Raadzaal. De aankleding en uitstraling van de Raadzaal waren gedateerd en deden geen recht aan de identiteit en het functioneren van een moderne gemeenteraad binnen het vernieuwde stelsel. Bovendien vonden de opzet en uitvoering van de Raadzaal geen aansluiting bij de eisen die de huidige tijd aan een vergaderruimte voor een modern gemeentebestuur stelt. De lichtintensiteit werd bijvoorbeeld onvoldoende geacht en de technische voorzieningen ten behoeve van de gautomatiseerde informatieverstrekking waren ontoereikend.
Ter informatie: De eisen gesteld aan het behoud van de Gobelins: relatieve vochtigheid tussen 48-55%, lichtinval door ramen en armaturen UV-gefilterd en niet meer dan 50 lux (werkplek is 400 lux benodigd). Een grondige verbouwing van de Raadzaal is daarom onderdeel geworden van een omvangrijke verbouwing van het Stadhuis. De wijzigingen aan de Raadzaal betreffen naast de voorzieningen ten behoeve van de hierboven genoemde aspecten tevens een aanpassing van de entrees van de Raadzaal.

De ervaring wees uit dat de oorspronkelijke geslotenheid van de Raadzaal een onvoldoende uitnodigend effect had voor de burgers van Nijmegen om de openbare raadsvergaderingen bij te wonen. De vernieuwde Raadzaal heeft door de realisatie van grotere doorgangen en de toepassing van veel glas een wezenlijk ander karakter verkregen. De kleurstelling van de Raadzaal is voorts in overeenstemming gebracht met de begrippen ‘openbaar’en ‘transparant’.

De vereiste bouwvergunning is op 24 november 2003 verleend. Voor zover het verbouwingsplan betrekking had op wijzigingen aan het exterieur, is het plan aan de Commissie Beeldkwaliteit voorgelegd. Uw commissie is op 16 oktober 2003 akkoord gegaan met het verbouwingsplan. De voorgenomen wijzigingen aan het historische deel van het stadhuis zijn op 15 april 2004 aan de Commissie Beeldkwaliteit voorgelegd en akkoord bevonden. (NB de wijzigingen aan de Raadzaal maakten geen onderdeel uit van de afzonderlijke adviesaanvragen). Wij hebben de wijzigingen aan de Raadzaal en de hiermee in verband staande verplaatsing van de Gobelins niet herkend als een wijziging van monumentale kwaliteiten. De gemeente – zowel in de hoedanigheid van aanvrager als vergunningverlener – verkeerde in de veronderstelling dat de wandtapijten geen beschermde onderdelen vormden van het rijksbeschermde Stadhuis en dat er voor de verplaatsing ervan geen monumentenvergunningplicht gold. Inmiddels hebben uw commissie en de Rijksdienst voor de Monumentenzorg ons gewezen op deze misvatting.
De vergunningaanvraag voor de verplaatsing van de Gobelins is 11 oktober 2004 ingediend. De noodzakelijke geachte fysieke wijzigingen aan de Raadzaal bepalen dat er onvoldoende ruimte beschikbaar is voor de terugplaatsing van de wandtapijtenserie. Het uitgangspunt dat de historische wandtapijten niet in de Raadzaal zouden terugkeren, heeft er vervolgens toe geleid dat de verlichting niet van speciale beschermende UV-filters is voorzien. Dit betekent dat de ruimte thans niet voldoet aan de eisen die gelden voor de plaatsing van een of meerdere tapijten. In het Stadhuis zijn alle mogelijkheden onderzocht voor het herplaatsen van de Gobelins, echter er bevinden zich geen ruimtes met voldoende hoogte in het Stadhuis waar ze tot hun recht komen, nog afgezien van de lichtinval en luchtvochtigheid.
Anders dan u suggereert, was de gemeente wel op de hoogte van de cultuurhistorische betekenis van de zeventiende-eeuwse wandtapijten. Wij meenden – en menen – echter dat de tapijten niet exclusief in het Stadhuis behouden hoeven te blijven. Opname van de tapijten in de collectie van het Museum Het Valkhof zou ons inziens optimaal recht doen aan de importantie van die tapijten voor Nijmegen. Er bestaat inmiddels overeenstemming met het museum over de noodzakelijke technische voorzieningen om de beschikbare tentoonstellingsruimte te optimaliseren voor de kwetsbare gobelins.

Vanaf 1 mei 2005 is het mogelijk dat de serie van 7 Gobelins uit de Raadzaal in haar totaliteit kunnen worden tentoongesteld in museum Het Valkhof. (Quod non, zie hierna, M.O.)

In uw brief heeft u aangegeven dat u het college van Burgemeester en Wethouders – als vergunningverlener – negatief zal adviseren over de verplaatsing van de tapijten. Wij hechten veel belang aan de onafhankelijke status van de Commissie Beeldkwaliteit en wij waarderen uw deskundigheid, uw professionaliteit en uw adviezen. Wij vertrouwen er dan ook op dat het aan u voor te leggen voorstel zorgvuldig op zijn eigen merites wordt beoordeeld. Wij zijn er van overtuigd dat het voorstel recht doet aan de cultuurhistorische kwaliteiten van de gobelins.

De gang van zaken omtrent de tapijtenkwestie is een betreurenswaardig incident. In de toekomst zullen wij u tijdig betrekken bij voorstellen waarbij op enigerlei wijze cultuurhistorische aspecten betrokken zijn. Wij vertrouwen erop u hiermee voor dit moment voldoende geïnformeerd te hebben.

Hoogachtend,
College van Burgemeester en Wethouders van Nijmegen,
De Burgemeester, mevr. dr. G. ter Horst
De Secretaris,  ir. H.K.W. Bekkers"


Boze burger: de heer W. Van Moorsel

De heer Van Moorsel, Nijmegenaar, stuurde de volgende brief aan B&W van Nijmegen:

Geachte Dames en Heren
Uw voornemen om wandkleden die in de raadzaal van het stadhuis hangen aldaar te verwijderen en te laten opslaan/hangen in het museum het Valkhof, opdat de raadzaal meer licht kan krijgen en licht geschilderd kan worden met als doel, prettiger te kunnen vergaderen, noopt mij tot dit verzoekschrift aan U.
In dit verzoekschrift wil ik U beleefd maar zeer dringend vragen geheel af te zien van het hierboven beschreven plan van U betreffende de wandkleden om de volgende redenen:
Het doen verplaatsen van wandkleden van 300 jaar oud om ze op te slaan en of ergens anders te hangen is een uiterst riskante zaak, waarbij het oplopen van beschadigingen niet denkbeeldig is.
Het Valkhof heeft geen ruimte om alle wandkleden zo te hangen, dat ze geen onherstelbare schade, hoe gering ook, oplopen. Ingrijpende veranderingen aldaar zullen noodzakelijk blijken te zijn. Zal dit dan ten koste gaan van het overige kunstbezit van het Valkhof? Ten koste van hangplaatsen!
Het klimaat in het Valkhof moet voor de wandkleden aangepast worden.
Het historisch belang van het hangen van de wandkleden 'in de raadzaal moge toch belangrijker genoemd worden dan het prettiger vergaderen.
Met het doen verwijderen van de wandkleden heeft het stadhuis min of meer haar specifieke waardigheid verloren en is eigenlijk toch uitgekleed.
Gezien het unieke historische belang zal het College niet zonder toestemming van Rijksdienst/Monumentenzorg de wandkleden uit de raadzaal laten verwijderen.
Ten tijde dat de kerken in Nederland door protestanten in gebruik werden genomen, werd het interieur met de witkwast bewerkt om zodoende zonder afgeleid te worden door afbeeldingen en versieringen de preek en dienst te kunnen volgen. Thans zitten wij nog met grote schade van die witkwast.
Nu betracht het College wel voorzichtigheid betreffende verwijdering van de wandkleden, maar hanteert wel de witkwast ten aanzien van het historisch belang van het hangen in de raadzaal van deze wandkleden.
In Frankrijk laat een Burgemeester en of Wethouder trots (wanneer het stadhuis die bezit) wandkleden in hun raadzaal zien. In zo'n zaal is roken verboden en licht beperkt!
Moge Uw collega' s in Frankrijk U inspireren
Uw antwoord met spanning afwachtend, verblijf ik
Pim (W M) van Moorsel
Beeldend Kunstenaar
oud docent kunstgeschiedenis aan de Haagse Hogeschool
20 augustus 2004

Deze brief is als pdf-bestand, met het concept-antwoord van B&W, hier te vinden.

De heer Van Moorsel was niet tevreden met het antwoord van de gemeente. In december klom hij opnieuw in de Remington. Zijn reactie, als pdf bestand, vindt u hier.


De architect

Ook de architect die de modernisering van de Raadzaal voor zijn rekening nam, en daarmee het verdwijnen van de tapijten naar elders, deed via de media een duit in het zakje. Hij vindt de commotie rond de tapijten maar onzin:
(bericht ontleend aan: www.nijmegenophetweb.nl, 2004-08-24)

Nijmeegse verdures: de papegaai (fragment)"Verbijsterend gepapegaai van culturele elite
NIJMEGEN - De commotie rond de 17de eeuwse gobelins (wandkleden) in de raadzaal van het Nijmeegse stadhuis is bij architectenbureau Meltzer en Kleinlooh in het verkeerde keelgat geschoten.
De architecten verwijten de 'culturele elite verbijsterend papegaaiengedrag'. "Die houding lijkt meer gestoeld op conservatief denken, dan op na te denken over conservering", aldus architect Paul C. Kleinlooh.
Als architect is hij verantwoordelijk voor de verbouwing van het Nijmeegse stadhuis. In het stadhuis hangt een zevental 17de eeuwse gobelins die in 1677 door de Staten-Generaal in Den Haag zijn gekocht voor Nijmegen. De wandkleden moesten de vergaderruimten in het Nijmeegse stadhuis meer aanzien geven.
Daar werden toen langdurige vredesonderhandelingen gevoerd tussen tientallen Europese staten en steden. Dat overleg zou later als de Vrede van Nijmegen in de geschiedenisboeken terecht komen. De wandkleden vormen sindsdien een belangrijk cultureel erfgoed van de gemeente.
Na de verbouwing keren de gobelins niet meer terug in het stadhuis omdat de omstandigheden daarvoor niet geschikt zijn.
Critici beweren dat de wandkleden onlosmakelijk verbonden moeten blijven met het Nijmeegse stadhuis. Samen met het historische deel van het stadhuis vormen ze een rijksmonument.
"Wat de critici niet begrijpen is dat je dan museale omstandigheden moet creëren voor die gobelins. En dat kan niet in een werkruimte", stelt architect Kleinlooh nadrukkelijk.
Museum Het Valkhof heeft aangeboden om de gobelins te bewaren en tentoon te stellen.
Volgens Kleinlooh is dat een veel betere optie. "De kwaliteit van de gobelins is toch al niet te best en historisch-textiel is enorm kwetsbaar. Een schilderij kun je nog restaureren. Bij een wandkleed is dat al veel moeilijker", legt hij uit.
De kritiek op het verwijderen van de wandkleden en de aantijging dat het slecht gesteld zou zijn met het historisch besef van de gemeente Nijmegen, vindt de architect flauwekul.
"Natuurlijk horen de wandkleden bij Nijmegen en als geheel moeten ze ook hier blijven. Dat gebeurt nu ook. Maar het is net zo als bij de Nachtwacht van Rembrandt. Die hoort ook bij Amsterdam, maar hangt al lang niet meer in het paleis op de Dam, maar in het Rijksmuseum. Datzelfde geldt voor het standbeeld David van Michelangelo in Florence. Dat staat ook niet meer op z'n oorspronkelijke plaats, maar in een museum."
De raadzaal heeft primair de functie van een vergaderzaal, een werkruimte. "Daarvoor gelden hele andere omstandigheden. Het was er donker, mensen konden elkaar nauwelijks zien en de stukken waren eveneens nauwelijks te lezen. Dan moet je een keuze maken en dat heeft het gemeentebestuur gedaan", zegt architect Kleinlooh.
De raadzaal wordt nu een lichte, transparante ruimte die in september weer voor het eerst in gebruik genomen gaat worden als vergaderzaal. De architecten Kleinlooh en Meltzer vinden dat de raadzaal weer een sprankelijke werkomgeving moet worden voor de gebruikers.
De historische vereniging Numaga in Nijmegen en de Bond Heemschut hebben inmiddels aan de Rijksdienst voor de Monumentenzorg gevraagd onderzoek in te stellen naar de gang van zaken rond de gobelins."


Motie Stadspartij

Tijdens de Raadsvergadering van 22 september 2004 dient de Stadspartij de volgende motie in:

Bea van Zijll de Jong"Waar je trots op bent, dat wil je laten zien
1e indiener B. van Zijll de Jong - Lodenstein (Stadspartij)
De gemeenteraad van Nijmegen, in vergadering bijeen op 22september 2004, overwegende:

  • dat de gemeente Nijmegen naar aanleiding van de in 1678 in het stadhuis van Nijmegen gesloten Vrede van Nijmegen over een zeldzame en kostbare collectie 17de eeuwse wandtapijten beschikt,
  • dat deze collectie zich vanaf de 17de eeuw in het stadhuis van Nijmegen bevindt en dus een onlosmakelijk deel vormt van de historie van de stad,
  • dat de collectie bovendien van grote waarde is omdat het om series gaat die allemaal bij één eigenaar zijn ondergebracht,
  • dat blijkens de huidige stand van zaken een van deze series (de metamorfosen van Ovidius) niet meer in de thans verbouwde raadszaal zal terugkeren, maar tijdelijk tentoongesteld zal worden in het Museum Het Valkhof,
  • dat er vooralsnog geen duidelijkheid is omtrent de verdere bestemming van deze serie wandtapijten,

Spreekt uit:
dat de zich tot voor kort in de raadszaal bevindende serie wandtapijten met taferelen uit de metamorfosen-verhalen van Ovidius, na de tijdelijke huisvesting in het Museum Het Valkhof, voor het publiek zichtbaar moeten blijven in Nijmegen en dus niet opgeslagen mogen worden;
Draagt het college op:
1. om in Nijmegen een geschikte locatie te vinden voor genoemde tapijten,
2. om zowel de functionele raadscommissie c.q. de gemeenteraad als de Commissie Beeldkwaliteit te voren te raadplegen over de voorgestelde locatie(s) en over de verdere wijze van uitvoering.

Voor: PvdA (Smals), Stadspartij, VSP, D66, NN
Tegen: GL, PvdA (5), SP, CDA, VVD
Motie verworpen

Vergunningaanvraag voor verplaatsen tapijten naar Museum Het Valkhof

27 oktober 2004 lezen we in de lijst Openbare Bekendmakingen in De Brug:
"Burgemeester en wethouders van Nijmegen maken bekend dat:
Een aanvraag om vergunning als bedoeld in artikel 11, lid 2 Monumentenwet 1988 (rijksmonument) en/of artikel 8, lid 2 (gemeentelijk monument) en/of 19, lid 1 (stadsbeeldobject) van de gemeentelijke Monumentenverordening 2003 is ontvangen:
lokatie:  Burchtstraat 20 te Nijmegen; omschrijving: verplaatsen 7 gobelins uit Raadzaal naar Museum Het Valkhof
(tekst ontleend aan www.nijmegen.nl)


Bond Heemschut logoReactie Heemschut en Numaga op de vergunningaanvraag

Heemschut en Numaga reageren op de publikatie van de vergunningaanvraag in De Brug met een brief aan het College van B&W van Nijmegen,  gedateerd 9 november 2004:

"Aan het College van Burgemeester en Wethouders t.a.v. hoofd afdeling Bouwen en Wonen
Postbus 9105 6500 HG NIJMEGEN
betreft: zienswijze mbt de aanvraag verplaatsen 7 gobelins uit Raadzaal, Burchtstraat 20 te Nijmegen, naar Museum Het Valkhof
onze ref: *MJ2
Nijmegen, 9 november 2004
Geacht college,
Naar aanleiding van uw bekendmaking in De Brug d.d. 27 oktober 2004 willen wij, de Vereniging Numaga en de Bond Heemschut, onze zienswijze kenbaar maken op uw aanvraag om vergunning als bedoeld in artikel 11, lid 2 Monumentenwet 1988 met betrekking tot het verplaatsen van 7 gobelins uit de Raadzaal naar het Museum Het Valkhof.
Zoals uit ons schrijven d.d. 23 juli 2004 reeds blijkt protesteren wij tegen het feit dat het gemeentebestuur de historische wandtapijten of gobelins reeds uit de raadzaal van Nijmegen heeft verwijderd en thans van plan is de gobelins te verplaatsen naar het genoemde Museum. Voor onze motivatie verwijzen wij kortheidshalve naar de reeds hierover aan u gezonden brief van 23 juli j.l. waarop wij van u nog geen antwoord hebben mogen ontvangen.
Wij willen nog het volgende toevoegen. Toen wij, zoals in De Brug stond aangekondigd, de bij de aanvraag behorende stukken m het Open Huis bij de Stadswinkel wilden inzien waren deze helaas niet aanwezig. Na enige moeite is het gelukt om via het loket Bouwen de 'stukken' toch in te zien. 'De aanvraag' is een brief van 2,5 kantje van de Directie Stadsbedrijven/Servicecentrum gericht aan Bouwen & Wonen (niet aan het college). Beschreven wordt de opdracht (in 2003?) om van de raadzaal een functioneel en esthetisch verantwoord geheel te maken. Er wordt gewag gemaakt van een Plan van Aanpak en een Programma van Eisen. Hieruit wordt onder andere geciteerd dat 'de functionaliteit van de raadzaal vóór het handhaven van de gobelins gaat'. Wanneer lichtinval en luchtvochtigheid het toestaan dan moeten de gobelins gehandhaafd worden en anders dienen ze geheel of gedeeltelijk elders in het stadhuis te worden ondergebracht. Blijkbaar is er ook even over gedacht om drie gobelins buiten de raadzaal in de gang op te hangen.
Uit geen enkele zin valt op te maken dat de architect met voorstellen is gekomen hoe een inpassing van de gobelins eventueel toch mogelijk zou zijn geweest. Blijkbaar is deze optie meteen van tafel geveegd.
Opvallend is ook dat ondanks een eigen deskundige gemeentelijke monumentenafdeling er door de Dienst Stadsbedrijven geen intern advies is gevraagd over de waardestelling van de gobelins, immers onderdeel van het rijksbeschermde stadhuis. Ook is nergens een advies van de commissie voor beeldkwaliteit gevraagd of overwogen. Wel heeft er blijkbaar begin januari 2004 een gesprek 'inzake de gobelins' plaatsgevonden met gemeentesecretaris Bekkers, wethouder Hirdes, architect Kleinlooh, mw Heine (Directie Stadsbedrijven), mw Peterse (Directie Grondgebied, afd. monumenten) en dhr.G. Lemmens (?) waarbij 'besloten' is dat de serie van 7 gobelins bij elkaar in Nijmegen blijven, 'onderzocht' gaat worden of de gobelins in het Valkhofmuseum kunnen worden ondergebracht en 'er van uit gegaan wordt' dat er geen gobelins in de raadzaal terugkeren. Wij zouden graag van u vernemen door wie het genoemde besluit genomen is.

Wij betreuren het ten zeerste dat de noodzakelijke deskundige adviezen ten aanzien van de gobelins pas nu worden ingewonnen. De thans opgestarte procedure is natuurlijk mosterd na de maaltijd. Het had zo veel mooier in Nijmegen kunnen zijn. In het kader van de slogan 'behoud door ontwikkeling' (directeur Rijksdienst voor de monumentenzorg) zou het ontwerp van de nieuwe raadzaal juist geïnspireerd hebben kunnen zijn door de zo rijke geschiedenis van het stadhuis van Nijmegen en haar van rijkswege beschermde gobelins. Helaas ... een gemiste kans.

Ten aanzien van de aangeleverde stukken voor de 'aanvraag vergunning' voor het verplaatsen van de gobelins hebben wij nog het volgende kritiekpunt. Bij een aanvraag bouw- en monumentenvergunning behoren doorgaans te worden aangeleverd een situatie bestaand en een situatie nieuw. De nieuw 'geschetste' situatie is dermate onzeker ('besprekingen met het Valkhofmuseum op te starten door de afdeling Cultuur'?) dat wij van mening zijn dat de afdeling Bouwen & Wonen de aanvraag had moeten weigeren c.q. niet ontvankelijk had moeten verklaren wegens het aanleveren van onvoldoende en niet beoordeelbare gegevens 'nieuwe situatie'.

Wat betreft de nieuwe locatie is op geen enkele wijze aangegeven waar de gobelins komen te hangen. De in het vooruitzicht gestelde tentoonstelling in mei 2005 lijkt een doekje voor het bloeden. Daarna worden de gobelins het museum als het ware in de maag/depot gesplitst.

Indachtig de doelstelling van zowel Bond Heemschut als Vereniging Numaga, waardoor wij als belanghebbenden kunnen worden aangemerkt, verzoeken wij u met klem de van rijkswege beschermde Metamorfosentapijten te laten hangen, c.q. terug te hangen op hun eigen plaats in de raadzaal. De gobelins zijn onderdeel van het rijksmonument stadhuis en onlosmakelijk verbonden met de geschiedenis daarvan. Wanneer ze uit hun context gehaald worden zijn het 'kunstwerken' die als 'l'art pour l'art-objecten' een vervreemdend leven zullen gaan leiden ver van het verhaal dat ter plaatse van het stadhuis zo goed verteld kan worden. Jammer dat uw college het zichtbaar maken van de geschiedenis van Nijmegen geen warmer hart toedraagt.

Hoogachtend,
Bond Heemschut,  voor deze de provinciale commissie Gelderland, mw. drs. M. Jetten, secretaris
Vereniging Numaga, voor deze dr. J.B.A.M. Brabers, voorzitter

CC: Commissie voor Beeldkwaliteit gemeente Nijmegen; Rijksdienst voor de Monumentenzorg; De Gelderlander; De Brug


In november 2004 brengt de gemeentelijke commissie Beeldkwaliteit haar advies uit over het verdwijnen van de gobelins uit het stadhuis naar Museum Het Valkhof. De commissie gaat morrend akkoord: jammer, maar helaas, vindt de commissie.

De Commissie Beeldkwaliteit bis

Commissie beeldkwaliteit,
adviescommissie voor cultuurhistorie & ruimtelijke inrichting en vormgeving
secretariaat postbus 9105 6500 HG Nijmegen (024) 329 9898 e: cie.bk@nijmegen.nl
Aan het College van B&W
Postbus 9105 6500 HG NIJMEGEN
datum: 15-11-2004
onderwerp: Burchtstraat 20 te Nijmegen
Rijksmonument
niet akkoord   

Geacht College,
Op 11 november jl. heeft de Commissie Beeldkwaliteit de adviesaanvraag over de verplaatsing van zeven gobelins uit het stadhuis behandeld. Wij berichten u hierover het volgende:

De verwijdering van de gobelinserie Metamorfosen van Ovidius uit de raadzaal van het stadhuis houdt verband met de gerealiseerde verbouwing van de raadzaal. Bij de planontwikkeling om te komen tot een vergaderruimte voor een modern gemeentebestuur, een raadzaal die aansluit bij de hedendaagse eisen, is aan functionaliteit een zwaarwegender belang toegekend dan aan behoud van de historische wandtapijten ín de raadzaal. De voorgenomen verwijdering is bovendien door de gemeente aanvankelijk niet herkend als een vergunningplichtige wijziging van monumentale kwaliteiten.

In haar brief van 19 augustus 2004 aan het gemeentebestuur heeft de Commissie Beeldkwaliteit de verplaatsing van de zeven wandtapijten aan de orde gesteld en heeft zij haar standpunt over dit onderwerp helder uiteengezet. Met verwijzing naar deze brief benadrukt de commissie nogmaals dat behoud van de wandtapijten in het bestuurlijk centrum van de stad een onvoorwaardelijk uitgangspunt had moeten zijn bij de planvoorbereidingen. De commissie realiseert zich echter dat de verwijdering van de wandtapijten uit de raadzaal als een voldongen feit moet worden beschouwd en dat het irreëel is terugplaatsing te verlangen. De inmiddels weer in gebruik genomen raadzaal is immers door de verbouwing ongeschikt geworden voor de opname van de zeven wandtapijten. De commissie hecht er evenwel aan haar principiële standpunt - niet akkoord met verplaatsing van gobelins - te bekrachtigen in dit formele advies.

Echter gelet op de omstandigheden, is de commissie zich ervan bewust dat een principieel negatief advies - vanwege de onomkeerbare situatie - in werkelijkheid niet uitvoerbaar is. De commissie kan daarom niet anders dan berusten in het feit dat de tapijten niet terugkeren in het stadhuis.

Uit de bij de aanvraag gevoegde stukken blijkt, dat momenteel onderhandelingen gaande zijn met Museum het Valkhof om de wandtapijten aldaar voor het publiek tentoon te stellen. Gelet op de collectie en de locatie van dit museum acht de commissie de voorgenomen nieuwe plek van de tapijten een zeer aanvaardbaar alternatief.

De commissie wijst op de volgende aandachtspunten die bij de onderhandelingen een plek moeten krijgen:

  • De wandtapijten moeten in een permanente tentoonstelling opgenomen worden. In de brief van de gemeente (aanvrager) wordt vooralsnog gesproken over een tijdelijke oplossing, dit is niet toereikend.
  • De gemeente dient onvoorwaardelijk eigenaar te blijven van de historische 17de-eeuwse wandtapijten.
  • De commissie meent dat het de verantwoordelijkheid van de gemeente is en blijft om zorg te dragen voor adequate conservering van de wandtapijten. Het onderhoudsproject dat destijds voor de drie tapijtenseries van het stadhuis is opgezet, en waarin dus ook de serie Metamorfosen is opgenomen, dient ongewijzigd gecontinueerd te worden.

Verder pleit de commissie ervoor om bij de vernieuwde raadzaal op een verantwoorde wijze het verband te leggen tussen ‘het verhaal van de wandtapijten’ en ‘het verhaal van de plek’.

Afsluitend spreekt de commissie de hoop uit dat de gang van zaken omtrent de tapijtenverplaatsing als een jammerlijk incident kan worden beschouwd. Zij vertrouwt erop dat onderwerpen waarbij mogelijkerwijs cultuurhistorische kwaliteiten in het geding zijn, vroegtijdig ter advisering aan de commissie worden voorgelegd. De commissie is bovendien gaarne bereid om ook te adviseren als het om niet-vergunningplichtige activiteiten gaat.

Namens de Commissie Beeldkwaliteit,
ir. J.C. Verheul, secretaris"Naar boven

Nijmeegse Metamorfosentapijten: De ontvoering van Europa

Nijmeegse Metamorfosentapijten: Meleager en het Calydonische zwijn

De ontvoering van Europa

Meleager en het Calydonische zwijn


Pleitnota Heemschut en Numaga

Op 29 november 2004 vergadert de Commissie Stadsontwikkeling. Op de agenda onder meer: de toekomst van de Nijmeegse gobelins. Marga Jetten brengt, namens Heemschut en Numaga, het volgende naar voren:

"Geachte voorzitter, raadsleden/commissieleden

Graag willen wij namens bovengenoemde verenigingen gebruik maken van de gelegenheid onze brief van 23-7-04 toe te lichten. Bovendien willen wij de brief overhandigen waarin wij onlangs onze zienswijzen hebben overgebracht nav de aanvraag monumentenvergunning die op 27-10-04 gepubliceerd werd in De Brug.

Inhoudelijk zijn wij in onze brief genoegzaam ingegaan op de cultuurhistorische en kunsthistorische waarden van de gobelins. Ook de brieven van de Commissie Beeldkwaliteit van 19-8-2004 en van de heer Van Moorsel van 20-8-2004 gaan uitgebreid in op de betekenis van de gobelins in het algemeen en de betekenis voor de stad Nijmegen in het bijzonder. Sinds onze brief afgelopen zomer hebben wij heel veel reacties gehad van Nijmegenaren, die het met ons eens zijn dat de gobelins in het stadhuis horen. Ook al zou er elders in de stad plek zijn voor de gobelins, en het museum Het Valkhof lijkt hiertoe te worden gedwongen, dan nog zullen ze vervreemd zijn van hun oorspronkelijke plek, het stadhuis, waar ze thuishoren sinds de onderhandelingen die geleid hebben tot de Vrede van Nijmegen.

Over de gang van zaken mbt het verwijderen van de gobelins uit het stadhuis willen wij nog de volgende kanttekeningen plaatsen. Allereerst moet ons van het hart dat wij versteld hebben gestaan over de wijze waarop de besluitvorming heeft plaatsgevonden. Vooral bij het doorlezen van de aanvraag bouw- en monumentenvergunning (2,5 A4tje) lijkt het welhaast een onder onsje van de afdeling die voor de interne verbouwing van het stadhuis verantwoordelijk is. We zouden de opdracht voor die verbouwing mét de voorwaarden graag willen inzien. Volgens het concept-antwoord op onze brief zou het presidium een programma van eisen hebben opgesteld. 'Functioneel en esthetisch verantwoord' zijn de sleutelwoorden bij de herinrichting, maar zonder de gobelins want dat is te lastig (luchtvochtigheid en lux). Men heeft wel heel gemakkelijk geredeneerd: 'wanneer de gobelins niet in het nieuwe ontwerp van de raadzaal passen komen ze maar niet terug en moeten ze maar elders worden ondergebracht'. Zonder deskundig advies vooraf (heeft nou echt niemand gedacht aan de Commissie Beeldkwaliteit?) heeft MEN besloten (wie, het presidium, het college?) dat de gobelins niet terugkeren. In het concept-antwoord op onze briefstaat: "Wij kunnen u verzekeren dat er lang en goed is nagedacht en gedebatteerd over de verbouwing... juist vanwege de bijzondere historische band tussen de gobelins en het stadhuis... ". In het kader van de openbaarheid van bestuur zouden wij de notulen van dit debat en de deskundige interne adviezen die hierover gaan graag willen inzien. Men wist niet dat de gobelins beschermd waren wordt als excuus aangevoerd, men wist toch wel dat ze bijzonder waren... Nu blijkt dat de gobelins wettelijk beschermd zijn ontkomt ook de gemeente niet aan een officiële vergunningsprocedure (als mosterd na de maaltijd). Echter, ook wanneer de gobelins niet waren beschermd is de gang van zaken schandelijk te noemen voor Nijmegen. Zo ga je niet met je cultureel erfgoed om.

Nijmeegse Metamorfosentapijten: Cephalus en ProcrisImmers, het zichtbaar maken van de geschiedenis van Nijmegen staat toch ook bij raadsleden en gemeentebestuur zeer hoog in het vaandel. Daar worden honderdduizenden euro' s voor uitgetrokken. Dan zou je toch denken dat wanneer de geschiedenis ter plekke, in de raadzaal, voor het oprapen ligt je blij bent, dat je daar het zo gewenste verhaal kunt vertellen, zonder al die euro's te hoeven uitgeven. U zou er trots op moeten zijn, vinden Bond Heemschut en Numaga, dat u in een dergelijke zaal mag vergaderen. Wij zijn ervan overtuigd dat een architect, mits de opdracht duidelijk was geweest, best een creatieve oplossing mét gobelins had kunnen bedenken. Wij twijfelen echter aan de goede bedoelingen van de opdrachtgever en nemen er dan ook geen genoegen mee dat men het nu doet voorkomen alsof de verbouwing onomkeerbaar is en de gobelins onmogelijk terug kunnen keren. Een burger zou het niet in zijn hoofd moeten halen met bouwwerkzaamheden, nota bene aan of in of bij een monument (het stadhuis), te beginnen zonder dat de plannen zijn ingediend, beoordeeld en goedgekeurd. Handhaving lijkt ons hier op zijn plaats, of staat de gemeente boven de wet?

Behalve het punt van vervreemding (wanneer de gobelins elders worden ondergebracht) willen wij ook nog even ingaan op de voorgestelde nieuwe locatie. Een tijdelijke tentoonstelling in Museum Het Valkhof komende zomer is mooi, maar wat daarna? Stelt u zich eens voor dat de onderverdieping van het museum voor heel veel overheidsgeld wordt verbouwd en ontsloten als tentoonstellingsruimte. Is het verantwoord om daar de gobelins te hangen, de hele serie? wel een erg dure oplossing en nog geheel misplaatst ook; wat moet een museum daarmee? Je moet al heel weinig verstand hebben van museumbeheer wil je daarin trappen. Voor eventuele andere locaties geldt eenzelfde verhaal.

Afsluitend pleiten de Vereniging Numaga en de Bond Heemschut er dan ook voor dat de gobelins gewoon terugkeren naar de plek waar ze horen, het stadhuis. De raadzaal lijkt ons de beste optie. Eeen 'aanpassing' van deze raadzaal is niet 'onomkeerbaar' en zal waarschijnlijk minder kosten met zich meebrengen dan een locatie elders. UV-filters zijn goedkoper dan een verbouwing van het museum. Bovendien, kunnen wij u verzekeren, zal de akoestiek in de raadzaal verbeteren!
MJ"


Verslag van de discussie in de commissie Stadsontwikkeling van 29-11-2004:

"Stadspartij vraagt welke concrete mogelijkheden mw Jetten ziet als zij aangeeft geen genoegen te willen nemen met het antwoord van het College.
Mw Jetten antwoordt dat dit bekeken moet worden, ook door een architect.
CDA is teleurgesteld dat de gobelins niet meer zullen terugkomen in de raadzaal en is verbaasd van het College te horen dat de gobelins permanent geëxposeerd kunnen worden in het Valkhofmuseum. CDA vraagt 1) hoe de procedure gelopen is; 2) waarom de architect zoveel macht heeft gekregen; 3) of er een mogelijkheid is om drie gobelins in de raadzaal en drie elders in het stadhuis op te hangen.
PvdA sluit aan bij CDA maar wil de zaak wat breder trekken want het cultureel erfgoed van de stad omvat meer dan alleen de gobelins. PvdA wil de mogelijkheden onderzoeken om de Nijmeegse pronkstukken regelmatig te exposeren.
NN stelt dat het behoud van de gobelins vanaf het begin in het programma van eisen was opgenomen maar langzamerhand werd het terughangen onmogelijk. Hij heeft het herhaaldelijk aangekaart, bij de architect en in het presidium, maar het proces liep door.
Stadspartij stelt dat de situatie niet onomkeerbaar is. De ruimtes zijn er en er kan eventueel gewerkt worden met verrijdbare stellages.
VSP denkt dat de beslissing niet terug te draaien is maar zou een of twee gobelins wel terug willen hebben in de raadzaal.
VVD vindt de stroperige procedure laakbaar maar men staat voor een voldongen feit. De gobelins passen niet in de moderne raadzaal en permanente tentoonstelling in het Valkhofmuseum is een goed alternatief.
Op de vraag van de voorzitter wat er dient te gebeuren, antwoorden NN, VSP, CDA en Stadspartij er voorstander van te zijn dat er een oplossing in het stadhuis gevonden wordt voor de gobelins. SP vindt het belangrijk dat de tapijten op een of andere manier ergens zichtbaar gemaakt worden voor de bevolking. PvdA wil de discussie breder trekken want het gaat om een groter erfgoed dan de gobelins alleen.

De voorzitter concludeert dat de meerderheid van de fracties wil dat de gobelins structureel toegankelijk blijven voor het publiek, er onderzoek wordt verricht c.q. een evaluatie plaatsvindt naar de procesgang van de inrichting en renovatie van de raadszaal en de gobelins in het bijzonder en tot slot of er een mogelijkheid bestaat de gobelins in enigerlei vorm terug te hangen in de raadszaal en/of het stadhuis."
Verslag ontleend aan: concept-verslag Commissie Stadsontwikkeling dd 29-11-2004.


Wat vooraf ging
Bij het conceptverslag van de Commissie Stadsontwikkeling dd 29-11-2004 is het memo dd 21-9-2004 over de gobelins gevoegd van de gemeentelijke dienst Stadsbedrijven aan de dienst Bouwen en Wonen, waaraan Mw Jetten in haar pleidooi refereert.

"Memorandum Directie Stadsbedrijven, Servicecentrum
Aan Bouwen en Wonen
Datum 21 september 2004
Opgesteld door heijs0, telefoonnummer 3191

Onderwerp: Aanvraag vergunning voor het verplaatsen van 7 gobelins uit de Raadzaal naar Museum het Valkhof

Mijne dames en heren

Voor de aanpassing van de Raadzaal is een Plan van Aanpak geschreven. De doelstelling en beoogd effect is aanpassing van de huidige Raadzaal tot een functioneel en esthetisch verantwoord geheel.

Het Programma van Eisen is opgesteld en met betrekking tot de gobelins is het volgende beschreven: "Voor het behoud van de gobelins moet rekening worden gehouden met lichtinval en luchtvochtigheid. De functionaliteit van de Raadzaal gaat voor het handhaven van de gobelins. Als blijkt dat de eisen gesteld aan het behoud van de gobelins (relatieve vochtigheid tussen 48-55%, lichtinval door ramen en armaturen UV-gefilterd is en niet meer dan 50 lux bedraagt (museale eis voor verlichting), samen kunnen gaan met de nieuwe inrichting, dan de gobelins handhaven (met beschermingsmiddelen) en de andere geheel of gedeeltelijk elders in het Stadhuis onderbrengen".

De architect stelt voor de gobelins op te hangen in de nieuw te formeren toegangspuien en wel aan de gangzijde van de Raadzaal. Op die manier kan het Programma van Eisen goed gehanteerd worden en is de tegenstrijdigheid voor belichting niet meer aan de orde. Het voorstel om 3 gobelins daar op te hangen is in de klankbordgroep (=Presidium) goed ontvangen en zal verder worden uitgevoerd. Mevrouw S.Heijne zal onderzoeken welke gobelins in het Stadhuis blijven en waar de overige gobelins kunnen worden tentoongesteld.

In de memo van 18 november 2003 doet mevrouw S. Heijne een voorstel de volgende 3 gobelins in de nieuwe toegangspuien op te hangen, t.w.:
T7 Appollo en Daphne (408 x 309 cm), Ovidius, Metamorfosen I, 452 vv,
T8 Arcas en de Berin (420 x 320 cm), Ovidius, Metamorfosen II, 401 vv
T9 Mercurius, Herse en Aglaurus (400 x 493 cm), Ovidius, Metamorfosen II, 708 vv.

Apollo en Daphne

Arcas en de berin

Apollo en Daphne

Arcas en de berin

Om tijdens de rondleidingen toch over de serie van 7 te kunnen vertellen, het voorstel de overige 4 gobelins (T10 t/m T13) te fotograferen en in de nabijheid van de raadzaal aan de muur te hangen.

Op 12 januari 2004 heeft een gesprek plaatsgevonden met de gemeentesecretaris H.Bekkers, wethouder T.Hirdes, architect P. Kleinlooh, Mw. H. Peterse (DGG), G. Lemmens en Mw. S. Heijne (DSB) inzake de plaats van de gobelins. Besloten is dat de gobelins in Nijmegen blijven en als serie van 7 compleet blijven. Naar aanleiding hiervan wordt onderzocht door Mw. Heijne of de gobelins ondergebracht kunnen worden in het Valkhofmuseum. Er wordt vanuit gegaan dat er geen gobelins in of bij de Raadzaal teruggebracht hoeven worden.

Het eerste gesprek dat plaats vindt met het Valkhofmuseum is op 19 februari 2004. Bij dit gesprek zijn aanwezig Mw. M. Brouwer, directeur Valkhofmuseum, Mw. H. Peterse, G. Lemmens en Mw. S. Heijne. Gezamenlijk is de benedenverdieping bekeken. Deze ruimte is tijdelijk beschikbaar en zal o.a. worden aangewend voor tijdelijke exposities. De hoogte van de wanden van de benedenverdieping is geschikt voor de gobelins dit in tegenstelling tot de wanden van het Stadhuis die niet voldoende hoog zijn o.a. voor met name de ophangconstructie. Er zijn geen ramen in de betreffende ruimte, dus geen problemen met lichtinval. De luchtvochtigheid is goed. In de maand augustus wordt voor de zekerheid nog een luchtvochtigheidsmeting gedaan.

Vanaf 1 mei 2005 is het mogelijk dat de 7 gobelins in haar totaliteit kunnen worden tentoongesteld. De gobelins worden in bruikleen gegeven aan het museum. De onderhoudskosten (firma Paswerk) worden betaald door de Gemeente Nijmegen. Voor het permanent gebruik van de benedenverdieping en permanent tentoonstellen van de gobelins zullen extra investeringen nodig zijn en (dit) dient verder besproken te worden met het Valkhofmuseum.
In april 2004 is de beslissing genomen 1 gobelin genaamd De Arend van de serie Verdures te plaatsen in de nieuw te formeren toegangspui aan de buitenzijde van de Raadzaal, Gedeputeerdenplaats-zijde en de serie van 7 in haar totaliteit onder te brengen in het Valkhofmuseum waar ze voor het publiek, de burgers van Nijmegen te bezichtigen zijn onder betere klimatologische omstandigheden dan in het Stadhuis, alsmede een betere toegankelijkheid voor de burger. Voorheen konden burgers 12x per jaar de gobelins tijdens de raadsvergadering en met een 10-tal rondleidingen per jaar bekijken.

In het Stadhuis zijn alle mogelijkheden onderzocht voor het herplaatsen van de gobelins, echter er bevinden zich geen ruimtes met voldoende hoogte in het Stadhuis waar ze tot hun recht komen.

Het voorstel is akkoord te gaan met het verplaatsen van de gobelins naar het Valkhofmuseum, waar ze vanaf 1 mei 2005 tijdelijk tentoongesteld kunnen worden. Besprekingen met het Valkhofmuseum op te starten door de afdeling Cultuur inzake het permanent tentoonstellen van de gobelins. Het is echter geen optie dat de gobelins worden opgeslagen."


De knoop doorgehakt? Besluit B&W 31-05-05

Van het voorstel om de tapijten in museum Het Valkhof ten toon te stellen komt (vooralsnog?) niets terecht. En ook de optie "dat de gobelins worden opgeslagen" blijkt minder verwerpelijk dan het hiervoor geciteerde memorandum stelt.

De Gelderlander van 8 juni 2005 weet te melden dat de gobelins zullen terugkeren naar het Stadhuis.Op 31-05-2005 hebben  B&W van Nijmegen besloten tot "wisselend ophangen van de serie gobelins uit de raadzaal in het stadhuis o.a. rondom de raadzaal."  Er komt dus een wisseltentoonstelling van drie van de zeven tapijten. En de vier overige? Die worden opgeslagen. Drie in de kelder van het Stadhuis, een bij een restaurateur. Polderen in Nijmegen.

Brief B&W aan de Raad inzake het besluit van 31-05-05

Het besluit van 31 mei 2005 wordt in een brief aan de Raad d.d. 15 juni meegedeeld. De tekst ervan luidt:

b&w Nijmegen

De raadzaal van het Nijmeegse stadhuis is onlangs geheel gerenoveerd en aangepast aan de eigentijdse functionele eisen die gesteld mogen worden aan een raadzaal. Daarbij is het niet mogelijk gebleken om een serie van zeven gobelins, die in de oude raadzaal was opgehangen, een plaats te geven in de nieuwe raadzaal.
Aangezien deze gobelins een onlosmakelijk onderdeel vormen van het stadhuis als monument is contact opgenomen met de Rijksdienst voor de Monumentenzorg (RDMZ). Samen met de RDMZ is gezocht naar een oplossing om bedoelde gobelins weer een passende plaats te geven. Inmiddels hebben wij besloten om de volgende optie uit te werken.
Bedoelde gobelins worden wisselend opgehangen rondom de nieuwe raadzaal. Dat betekent dat drie gobelins bij de ingangen van de raadzaal worden opgehangen, de andere gobelins worden opgeslagen waarbij gelegenheid wordt genomen voor restauratiewerkzaamheden door een gespecialiseerd bedrijf. Overigens sluiten wij een andere optie voor de toekomst niet uit.

De RDMZ gaat ook akkoord dat op termijn een van de drie series gobelins wisselend wordt opgenomen in een nieuw in te richten permanente tentoonstelling over de Vrede van Nijmegen in Museum Het Valkhof te Nijmegen. Indien Museum Het Valkhof komt met een sluitende (externe) financiering zijn wij bereid deze mogelijkheid verder uit te werken. De Gemeente Nijmegen zal hieraan dus geen financiële bijdrage leveren.

Wij zijn van mening dat op bovenstaande wijze de problematiek t.a.v. het niet meer kunnen ophangen van de gobelins in de nieuwe raadzaal op een acceptabele wijze is opgelost.

Met vriendelijke groet,
college van Burgemeester en Wethouders van Nijmegen,
De Burgemeester, mevr. dr. G. ter Horst
De Secretaris, ir. H.K.W. Bekkers

Commissie Stadsontwikkeling 20-6-2005: Nieuw pleidooi van Numaga en Heemschut voor terugkeer tapijten

Het besluit van B&W komt op de agenda van de Commissie Stadsontwikkeling van 20 juni 2005. Daar blijkt dat een tentoonstelling van de tapijten in museum het Valkhof niet mogelijk is. De Rijksdienst voor de Momnumentenzorg is van mening dat de gobelins onverbrekelijk bij het Stadhuis horen, en daar dus moeten blijven. Vandaar de voorgestelde 'oplossing' van een wisseltentoonstelling.

logo HeemschutMarga Jetten en Tom Smits brengen op de commissievergadering  namens Numaga en de Bond Heemschut het volgende naar voren:

"Ondergetekenden willen hierbij namens de historische vereniging Numaga en de Bond Heemschut reageren op het collegebesluit d.d. 31 mei 2005 inzake de gobelins uit de raadzaal van het stadhuis.

Zoals bij u bekend hebben beide verenigingen een jaar geleden geprotesteerd tegen het feit dat de historische gobelins zo maar, zonder procedure, verwijderd werden uit het stadhuis. Behalve een bericht van ontvangst van slechts één van onze brieven en een uitnodiging voor uw commissie Stadsontwikkeling eind november 2004 (plus een niet volledig verslag) hebben wij niets van gemeentezijde vernomen (wij verwijzen hierbij graag naar onze brieven en pleitnotitie uit 2004). Ook thans moeten wij uit de krant vernemen dat het college de gobelins toch in het stadhuis wil laten hangen, althans…

Het college schrijft: "Met dit voorstel beoogt het college van B&W in overleg met de Rijksdienst voor de Monumentenzorg een oplossing te bieden om alle gobelins in het stadhuis van de Gemeente Nijmegen te behouden. De serie uit de voormalige? raadzaal wordt met dit besluit wisselend tentoongesteld." Doel: desgevraagd informeren.

logo NumagaWij vragen ons op de eerste plaats af waar de gobelins precies komen te hangen. Wij hebben geen inzage gehad in de wellicht bij het voorstel behorende tekeningen van plattegrond en aanzichten en vragen ons bezorgd af of u als raadsleden deze stukken wél hebt gehad. Voor een goede afweging van een advies en/of besluit zijn deze stukken ons inziens onontbeerlijk, ze horen immers bij een aanvraag voor de wijziging van een rijksmonument (een zgn. art. 11 procedure Monumentenwet 1988) tbv het verkrijgen/verlenen van een monumentenvergunning. Ook hebben wij nog geen bericht in De Brug gelezen waarin de vergunningaanvraag voor de wijziging van een rijksmonument werd aangekondigd.

Ook zijn wij zeer benieuwd naar de brief met het advies van de RdmZ, die wellicht bij uw stukken zit. Deze dienst heeft nav de in het najaar van 2004 gevoerde artikel 11-procedure aan de gemeente advies uitgebracht over het verzoek tot wijziging van het rijksmonument, namelijk om de gobelins te mogen verwijderen uit het stadhuis en onder te brengen in het museum Het Valkhof. Tot drie maal toe heeft de heer Smits aan de heer Verheul van de afdeling monumenten van de gemeente Nijmegen mondeling om inzage in de brief van RdmZ gevraagd, maar dit werd telkens afgehouden. Het argument was dat de brief niet meer relevant zou zijn omdat de vergunningprocedure was stopgezet. Ook daar hebben wij als indieners van bedenkingen en bezwaar niets over vernomen. In het kader van de openbaarheid van bestuur zouden wij hierbij toch met klem willen verzoeken de genoemde brief en ook het dossier te mogen inzien.

Vanavond willen wij hier onze bezorgdheid uitspreken over het voorstel van het college. In het B&W-besluit van 31 mei 2005 staat letterrlijk: "Wisselend ophangen van de serie gobelins uit de raadzaal in het stadhuis o.a. rondom de raadzaal." U begrijpt dat wij dit voorstel weinig concreet achten en bang zijn dat de opgerolde gobelins als waren het rollen behang ergens ondergeschoven raken en niet meer tevoorschijn zullen komen. Wie wordt hier verantwoordelijk voor, de afdeling Interne producten Stadsbedrijven? Daar hebben wij helaas weinig vertrouwen in. Wij hebben ons inziens een beter voorstel. Hang de gobelins weer terug in de raadzaal! Daar is na de interne verbouwing, hebben wij opgemeten, nog wandoppervlakte genoeg! Bijgevoegd hebben wij een plattegrond en aanzichten van de raadzaal waarbij u zich, weliswaar schetsmatig, een voorstelling kunt maken van de gobelins in de raadzaal. Wij doen een dringend beroep op u raadsleden om ons voorstel in overweging te nemen en de gobelins te laten waar ze horen, in de raadzaal van het stadhuis van Nijmegen, sinds de Vrede van Nijmegen!

Historische vereniging Numaga en de Bond Heemschut,
voor deze de heer ing. A. Smits en mevrouw drs. M. Jetten.


Opnieuw een motie van de Stadspartij

Tijdens de Raadsvergadering van 6 juli 2005 dient de Stadspartij opnieuw een motie in over de toekomst van de tapijten:

Gemeenteraad Nijmegen
Vergadering 6 juli 2005
Agendapunt 39: Ingekomen Stukken,
brief 022 van college aan de raad en brief B15 van Numaga en Bond Heemschut betreffende de gobelins.

MOTIE
MEER WARMTE, MEER SFEER, MEER HISTORISCHE ALLURE IN DE RAADSZAAL

De gemeenteraad van Nijmegen, in vergadering bijeen op 6 juli 2005, overwegende:
- dat er na de verbouwing van de raadszaal van verschillende kanten op aangedrongen is om de zeldzame, uit de 17de eeuw daterende collectie wandkleden deels weer terug te hangen in de verbouwde raadszaal,
- dat het college, blijkens de brief aan de raad van 15 juni 2005 opteert voor een locatie buiten de raadszaal,
- dat vanuit de historische vereniging Numaga en Bond Heemschut aangegeven is dat het mogelijk is om in ieder geval een deel van de wandkleden weer terug te hangen in de raadszaal,
- dat dit kan gebeuren zonder dat er lichtschade aan de tapijten wordt toegebracht (het plaatsen van lampen met een lagere lichtopbrengst)
- dat de aanwezigheid van enkele wandtapijten ook de akoustiek in de raadszaal ten goede komt

spreekt uit:
a) dat het, gezien bovenstaande overwegingen, gewenst en ook mogelijk is om in ieder geval een deel van de in de oude raadszaal opgehangen historische wandtapijten weer terug te brengen in de nieuwe raadszaal,
b) dat er vanuit de raad een werkgroep samengesteld wordt die in overleg met het college en, indien nodig, de architect, alsmede een afvaardiging van de Vereniging Numaga en/of de Bond Heemschut de praktische invulling van de terugplaatsing onderzoekt en hierover zo spoedig mogelijk verslag uitbrengt aan de raad, zodat deze een definitief besluit kan nemen.
c) dat alle gobelins op een zichtbare plek in het stadhuis behoren te hangen en niet voor een deel al of niet tijdelijk in opslag gaan.

w.g. Stadspartij Nijmegen, Bea van Zijll de Jong-Lodenstein

Uitslag stemming: Voor: (14) GL (Witsenhuijsen, Vermeulen, Welschen), CDA, Stadspartij, VSP, D66, NijmegenNu
Tegen: (23) GL (5), PvdA, SP, VVD

(Ter vergelijking: bij een eerdere, eveneens verworpen motie van de Stadspartij ten gunste van het behoud van de tapijten in het gemeentehuis, zie hiervoor, was de uitslag van de stemming als volgt: Voor: PvdA (Smals), Stadspartij, VSP, D66, NijmegenNu Tegen: GL, PvdA (5), SP, CDA, VVD


Commissie Beeldkwaliteit doet veldonderzoek

Blijkens een bericht in De Gelderlander van 3 september 2005 is de commissie Beeldkwaliteit inmiddels op onderzoek uitgegaan: wat is er terecht gekomen van de door B&W voorgestelde tentoonstelling van een deel van de gobelins in de buurt van de Raadzaal? En waarom hangen ze eigenlijk gewoon niet weer in de Raadzaal?

Als we De Gelderlander mogen geloven (en waarom zouden we niet?) was de commissie niet onverdeeld gelukkig met de uitkomsten van haar veldonderzoek. Enkele gobelins hangen nu bij de ingangen voor raadsleden van de nieuwe raadzaal. "Half zichtbaar in nissen, een forse pilaar midden voor het tafereel dat op de doeken is afgebeeld. De deuren van de raadzaal slaan tegen de doeken aan."schrijft Peter Deurloo in De Gelderlander.

Maar tot enig substantieel protest van de Commissie leidt dat vooralsnog niet. De Gelderlander citeert oud-wethouder Wim Hompe, voorzitter van de Commissie Beeldkwaliteit: "We zullen het college laten weten dat we het volste vertrouwen hebben dat het een goede oplossing vindt."

Met zulke opponenten hebben  B&W natuurlijk geen medestanders meer nodig.


Wat vindt de webbeheerder van Numaga ervan?

Wanneer beseffen onze bestuurderen nu eindelijk wat een onvergeeflijke blamage voor de oudste stad van Nederland dit gesol met het stedelijk erfgoed is? Wat er nog zichtbaar is of zou kunnen zijn van de stedelijke historie zou als een sterke troef van de stad moeten worden uitgespeeld, en niet opgeborgen en weggestopt als een (vermeend) obstakel voor moderniseringen. 

Beste bestuurderen, draai dit besluit terug en laat de tapijten terugkeren waar ze horen. Berekeningen, uitgevoerd door ing. A.A.M. Smits, lid van de Bond Heemschut en van Numaga, hebben uitgewezen, dat herplaatsing van de 7 Metamorfosentapijten in de gemoderniseerde raadzaal wel degelijk mogelijk is. De hoogte van de raadzaal is toereikend, en er zijn voldoende grote muurvlakken beschikbaar. De noodzakelijke aanpassingen in de verlichting boven de wandtapijten zullen bovendien de lichttemperatuur en het klimaat in de zaal ten goede komen. Ook de nu vrij beroerde akoestiek zal erop vooruit gaan.


Oudenaarde

Wie wil weten hoe men bij onze Belgische buren met kostbare wandtapijten omgaat, neme een (virtueel) kijkje in Oudenaarde (klik op Cultuur, Tapijten). Misschien een mooi reisdoel voor een uitstap van de Nijmeegse gemeenteraad? B&W mee, graag.


Commentaar? Suggesties? Vragen?
Mail ons: info@numaga.nl  
Laatst bijgewerkt:
07-09-2007